Nostradamus
... een nieuwe visie ...
Laatst bijgewerkt:
12 november 2016
DE VOORSPELLINGEN
ONJUISTE INTERPRETATIES
Napoleon Bonaparte
15 augustus 1769 - 5 mei 1821

De opkomst van Napoleon Bonaparte
Centurie 1, Kwatrijn 60

Veldtocht Sardinië,
22 februari 1793
Centurie 3, Kwatrijn 87

Eerste consul van Frankrijk
Centurie 4, Kwatrijn 54

Grote Sint-Bernhardpas,
mei 1800
Centurie 5, Kwatrijn 20

Inname Milaan
Centurie 3, Kwatrijn 37

Kroning tot keizer van Frankrijk,
2 december 1804
Centurie 8, Kwatrijn 57

Invasie in Rusland, 1812
Centurie 4, Kwatrijn 75

Slag bij Moskou, 1812-1813
Centurie 8, Kwatrijn 85

Verbanning naar Elba,
6 april 1814
Centurie 10, Kwatrijn 24
 
1e Wereldoorlog 1914-1918

Aanleiding tot de
Eerste Wereldoorlog 1914-1918
Centurie 9, Kwatrijn 55

*** UPDATE ***
Oorlogsvoering in de lucht, beide wereldoorlogen
Centurie 1, Kwatrijn 64

*** UPDATE ***
Kerk "St-Gervais-et-St-Protais" geraakt door Parijs-Geschut
29 maart 1918
Centurie 3, Kwatrijn 6
Het heden, IS en de aanloop tot wereldoorlog 3
 
Diverse groepen die zich gaandeweg bij IS hebben aangesloten zouden jarenlang militair en financieel zijn gesteund door o.a. de Verenigde Staten en Saoedi-Arabië om het regime van president Bashar al-Assad van Syrië omver te werpen. Toen deze groepen niet meer onder controle konden worden gehouden, zouden deze landen hun handen ervan af hebben getrokken en hen hun gang hebben laten gaan.
In 2014 begon IS zelf in Syrië te opereren en de terreurbeweging noemde zich voortaan de Islamitische Staat in Irak en de Levant ofwel ISIL, in het westen Islamitische Staat in Irak en Syrië ofwel ISIS.[18] Op 29 juni 2014 hernoemde de terreurbeweging zichzelf tot Islamitische Staat of IS.
De beweging weigerde in Syrië samen te werken met andere jihadistische opstandelingengroepen, zoals het aan Al Qaida gelieerde Jabhat al-Nusra, en bestreed deze lange tijd evenzeer als het Syrische regeringsleger. Hoewel de organisatie dus oorspronkelijk zelf uit een tak van Al Qaida is voortgekomen, trok Al Qaida-leider Ayman al-Zawahiri uiteindelijk in januari 2014 zijn handen geheel van ISIS af.
Hoe het zover is kunnen komen .....

Sinds eind 2010 heerst er veel onrust in Noord-Afrikaanse landen en landen in het Midden-Oosten. De zogenoemde Arabische Lente leidde onder andere in Egypte, Syrië, Libië en Tunesië tot felle protesten en opstanden tegen armoede, corruptie en onderdrukking. In veel landen mondde dit uit in de omverwerping van regeringen.
De uitkomst van de Arabische Lente stelt echter teleur. De Lente heeft geen democratie, vrede en vrijheid gebracht. In de meeste Arabische landen is de revolutie omgeslagen in conflict of autoritair bestuur. Zo is Syrië verwikkeld in een burgeroorlog, heeft Libië grote problemen met milities en lokale stammen en zit Egypte al sinds 2012 zonder parlement. Religieuze spanningen vormen in veel van de getroffen landen onderdeel van het conflict.
De Europese Unie heeft zich vanaf het begin kritisch uitgesproken over de ontwikkelingen in Noord-Afrika en het Midden-Oosten. De EU ondersteunt de getroffen landen in een poging de politieke, sociale en economische stabiliteit te bevorderen.
Arabische Lente

Op 17 december 2010 werd de Tunesische stad Sidi Bouzid opgeschrikt door een publieke zelfverbranding van de 26-jarige Mohammed Bouazizi. Bouazizi verkocht groente en fruit voordat de politie zijn spullen in beslag nam. Nadat autoriteiten weigerden hem te woord te staan, overgoot Bouazizi zichzelf met benzine en stak hij zich in brand. De zelfmoord markeerde het begin van massale protesten tegen de Tunesische regering. Duizenden studenten gingen de straat op om te protesteren tegen de hoge werkloosheid, de hoge voedselprijzen en de in hun ogen corrupte regering van president Ben Ali. Ben Ali zag zich in januari 2011 genoodzaakt het land te verlaten.
In de rest van de Arabische wereld ontstond een kettingreactie van protesten en opstanden. In Egypte, Libië, Jordanië, Algerije, Jemen, Bahrein, Iran, Marokko, Oman en Syrië vonden grootschalige demonstraties plaats tegen armoede, corruptie en onderdrukking. In veel landen mondde dit uit in geweld en de omverwerping van regeringen.
In Egypte leidden protesten, naar aanleiding van de gebeurtenissen in Tunesië, tot botsingen tussen demonstranten en aanhangers van de regering. In korte tijd werd de sfeer op het Tahrirplein in Caïro zeer gewelddadig. Ondanks beloftes tot hervormingen, werd president Hosni Mubarak op 11 februari 2011 genoodzaakt tot aftreden.
Het aftreden van Mubarak luidde een reeks aan gewelddadige opstanden in Libië in. Het doel van de demonstranten was het aftreden van dictator Muammar Khaddafi, die de opstanden door middel van bombardementen probeerde neer te slaan. Aanhoudend geweld jegens de bevolking zette internationale leiders aan tot ingrijpen. Eind augustus 2011 veroverden rebellen Tripoli en eind oktober werd Khaddafi opgepakt. Enkele dagen later overleed hij aan zijn verwondingen.
Ook in Syrië gingen mensen de straat op om te demonstreren. De belangrijkste eisen van de demonstranten bedroegen aanvankelijk de vrijlating van duizenden politieke gevangenen en een einde aan de corruptie in het land. Na een aantal dagen van protest bood de Syrische regering haar ontslag aan, maar president Bashar al Assad bleef. De nieuwe regering en president Assad traden met geweld op tegen verdere protesten.
Reactie Europese Unie

Omdat veel van de betrokken landen onder het beleid buurlanden van de Europese Unie vallen, werd de schending van mensenrechten in de Arabische wereld vanzelfsprekend een onderwerp van discussie binnen de Europese instellingen. Europese leiders riepen regeringsleiders van de Arabische landen meermaals op om geen geweld te gebruiken tegen demonstranten en respect te tonen voor fundamentele mensenrechten.
Naar aanleiding van de aanhoudende opstanden herzag de Europese Unie in mei 2011 haar buurlandenbeleid. Daarnaast werd 1,24 miljard euro extra ter beschikking gesteld voor de ondersteuning van nieuwe democratieën en hervormingen in Noord-Afrika. Toenmalig EU-buitenlandvertegenwoordiger Ashton installeerde op 7 juni 2011 een Europese task force waarin onder andere de Europese Dienst voor Extern Optreden (EDEO), de Europese Commissie, de Europese Investeringsbank en de Europese Ontwikkelingsbank worden vertegenwoordigd.
De task force ondersteunt nog altijd politieke, sociale en economische hervormingen in grootschalige projecten die van land tot land verschillen.
Tunesië

Op 17 december 2010 werd de stad Sidi Bouzid opgeschrikt door de publieke zelfverbranding van straatverkoper Mohammed Bouazizi. Toen de politie zijn spullen in beslag nam, en de autoriteiten weigeren hem te woord te staan, stak hij zichzelf in brand. Er volgden protesten tegen de hoge werkloosheid, de hoge voedselprijzen en de in hun ogen corrupte regering van president Ben Ali. De protesten leidden uiteindelijk tot de val van Ben Ali en zijn regering.
Sinds de revolutie is het in Tunesië relatief rustig. In 2014 kreeg Tunesië een nieuwe, meer democratische grondwet en kwam de grootste seculiere partij Nidaa Tounes aan de macht. Daarop volgend werd de noodtoestand opgeheven. De Europese Unie feliciteerde Tunesië met de democratische vooruitgang van het land en zegde verdere ondersteuning toe bij de democratisering, economische en sociale ontwikkeling van het land.
Na een terreuraanslag op 18 maart 2015 in de Tunesische hoofdstad Tunis, waarbij 17 toeristen omkwamen, veroordeelde de Europese Raadde aanslag en pleitte voor een intensievere samenwerking met Tunesië om terreurdreiging tegen te gaan.
Egypte

De protesten in Arabische landen tegen de zittende macht sloegen begin 2011 over naar Egypte. Weken van demonstraties en harde botsingen met de politie leidden tot het aftreden van president Hosni Mubarak. Na het aftreden van Mubarak waren de reacties vanuit de Europese Unie lovend. Er werden parlementsverkiezingen georganiseerd. In 2012 volgden presidentsverkiezingen, die werden gewonnen door Mohammed Morsi van de Moslimbroederschap.
In de zomer van 2013 laaide de onrust in Egypte echter weer op. Na massale demonstraties tegen het beleid van president Morsi werd deze door het leger afgezet en de Moslimbroederschap bestempeld als terroristische organisatie. De EU toonde zich bezorgd over de rol van het leger en de aanhoudende politieke onrust in Egypte. In mei 2014 kozen de Egyptenaren met 97 procent van de stemmen een nieuwe president: oud-legerleider Al-Sisi, die Morsi in 2013 verdreef. Sisi verklaarde de Moslimbroederschap de oorlog. Met de aanstelling van Sisi heeft het oude regime weer de macht in handen. Sinds december 2015 heeft Egypte een nieuw parlement dat loyaal is aan president Fattah al-Sisi.
De Europese Unie versoepelde een deel van de sancties in de zomer van 2014, omdat het geweld in het land onder El-Sisi is afgenomen. Wel uitte de EU haar zorgen over de vervolging van een aantal buitenlandse journalisten. De situatie is in 2015 nog steeds erg instabiel. In bepaalde delen van het land heeft het leger moeite om de macht in handen te houden. Vooral in het noorden van de Sinaïwoestijn is het onrustig. Extremistische groeperingen vallen met regelmaat het Egyptische leger aan. Ook smokkelen zij wapens naar diverse Palestijnse terreurbewegingen in de Gazastrook.
Libië

Na de onrust in Tunesië in 2010 sloeg de Arabische Lente ook over naar Libië. In Libië richtten de demonstraties zich tegen Muammar Khaddafi. Maandenlang verkeerde het land in staat van burgeroorlog, maar uiteindelijk werd ook hier de zittende macht van de troon gestoten door demonstranten. Op 20 oktober 2011 werd Khadaffi gedood bij een NAVO bombardement.
Sinds de dood van dictator Khaddafi is het zeer onrustig in Libië en groeit het aantal milities. In juni 2014 werden parlementsverkiezingen gehouden en kwam er een liberaler parlement, maar fundamentalistische groeperingen accepteerden dit parlement niet. Ze riepen hun eigen parlement uit. Sindsdien is er van centraal gezag in Libië geen sprake meer. Al vanaf het begin van het gewapende conflict in Libië probeert de EU te bemiddelen.
De aanhoudende gewelddadigheden hebben ertoe geleid dat veel Libiërs op de vlucht zijn geslagen. Buitenlandse hulpverleners zagen zich genoodzaakt het land te verlaten. In maart 2015 werd duidelijk dat de Europese Unie overweegt een vredesmissie naar Libië te sturen.
Syrië

De Syrische president Bashar al-Assad is sinds 2011 met diverse groeperingen verwikkeld in een strijd om de macht. Dit begon doordat grote groepen demonstranten een einde van de corruptie en de vrijlating van duizenden politieke gevangenen eisten. Deze protesten gingen al snel over in gewelddadige conflicten en mondden uiteindelijk uit in een bloedige burgeroorlog die nog altijd voortduurt.
Het conflict heeft een sektarisch karakter gekregen. Het staatsleger van Assad bestaat grotendeels uit moslims met een sjiitische achtergrond en wordt gesteund door sjiitische organisaties zoals Hezbollah. Ook Iran en Rusland steunen Assad. Soennitische moslims verenigen zich in rebellengroepen, waaronder het Vrije Syrische Leger, Jahbat Al-Nusra en IS. Deze rebellen zijn in tegenstelling tot de sjiitische groepen erg versplinterd en bevechten ook elkaar.
En om het nog wat ingewikkelder te maken, langs de grens van Turkije met Syrië bevinden zich strijders van de Koerdische YPG-milities.
Turkije beschouwt de YPG als een terroristische organisatie. De Verenigde Staten zien de Syrische Koerden echter als een van de weinige effectieve partners in de strijd tegen de terreurbeweging Islamitische Staat.
Het heden

Veel EU-lidstaten hebben te maken met de gevolgen van de strijd in Syrië. Door het toenemende geweld is er sinds 2013 een enorme vluchtelingenstroom op gang gekomen. Honderdduizenden vluchtelingen zijn inmiddels naar Europa getrokken om asiel aan te vragen.

Momenteel (het jaar 2016) leven we hier in het westen van Europa een nog redelijk veilig bestaan, maar voor hoelang nog ?
Na de aanslagen in Parijs van november 2015, waaronder het Bataclan theater, opgeëeist door IS, wordt de sfeer binnen Europa steeds grimmiger.
Wat weten we van IS ? Hetgeen we weten is inmiddels huiveringwekkend te noemen: mensen die onthoofd (letterlijk geslacht) of gekruisigd worden, mensen die levend in brand worden gestoken, kinderen die de opdracht krijgen anderen te executeren, vrouwen die verkracht worden, etc, etc.
Het is te gruwelijk en niet voor te stellen dat dit plaats vindt, het is de hel op aarde
De organisatie richt zich op de 'niet gelovige' wat voor hen een vrij ruim begrip lijkt te zijn, een ieder anders denkende is slachtoffer.
Inmiddels heeft IS zich ook kunnen groeperen binnen Libië, alwaar al heel lang geen enkel gezag meer is en menig maal hebben ze te kennen gegeven dat Rome en het verdrijven van de paus en het christendom één van hun belangrijste doelen is.
Het is precies zoals Nostradamus het al in zijn brief aan koning Hendrik II schreef (zie het hoofdstuk "Brief aan koning Hendrik II"):

Dan zal het grote rijk van de antichist komen.
Dit begint in Midden en Oost-Azië. Met onafzienbare horden zullen de volgelingen van de antichrist alles overspoelen, zodat de Heilige Geest verdreven wordt tot aan de 48ste breedtegraad en vlucht voor de gruwelen van de antichrist.
Deze laatste zal een oorlog beginnen tegen de monarchie en zelfs tegen de koning die dan de grote plaatsvervanger van Christus op aarde is en tegen zijn Kerk. Aangezien de tijdsomstandigheden hem gunstig gezind zijn, zal zijn rijk enige tijd bestaan.
Centurie 8 - Kwatrijn 77

L'antechrist trois bien tost annichilez,
Vingt & sept ans sang durera sa guerre:
Les heretiques morts, captifs exilez,
Sang corps humain eau rogie gresler terre.

De anitchrist zal spoedig de drie vernietigen,
Zeven en twintig jaar zal zijn oorlog duren:
De ketters (ongelovigen) dood, gevangen verbannen,
Bloed menselijke lichamen water en rode hagel bedekken de aarde.
In Centurie 8, Kwatrijn 77 wordt precies aangegeven hoe lang dat zijn:
Regels 1 t/m 2

De anitchrist zal spoedig de drie vernietigen,
Zeven en twintig jaar zal zijn oorlog duren:
Wie in de eerste regel de 'drie' zijn, is nog onbekend maar zeer vermoedelijk wordt hier de Heilige Stoel, het vaticaan bedoeld.
De 'drie' zijn in dit geval 'de Heilige Vader, de Heilige Zoon, en de Heilige Geest'
Regels 3 t/m 4

De ketters (ongelovigen) dood, gevangen verbannen,
Bloed menselijke lichamen water en rode hagel bedekken de aarde.
De ketters (ongelovigen) in de derde regel behoeft mijn inziens geen verdere uitleg, maar een ieder andersdenkende zal zonder meer slachtoffer zijn.
Water en rode hagel in de vierde regel kunnen verwijzen naar een spuitmiddel dat opzettelijk wordt gebruikt om bacteriële infecties te verspreiden, of atmosferisch water vervuild door radioactieve fall-out als gevolg van een nucleaire explosie.
In het ergste geval kan het laatste zelfs het resultaat zijn van opzettelijke radioactieve 'bepoedering' van een hele streek door middel van een buitengewoon smerig wapen een nucleaire bom voorzien van een omhulsel van kobalt.
Dat we hier met IS van doen hebben vertelt het kwatrijn dat dichtbij het bovenstaande kwatrijn 77 van centurie 8 ligt, namelijk kwatrijn 70:
Centurie 8 - Kwatrijn 70

Il entrera vilain meschant, infame,
Tyrannisant la Mesopotamie,
Tous amis fait d'adulterine dame,
Terre horrible noir de phisonomie.

Hij zal binnenvallen goddeloos slecht berucht,
Tiranniserend over Mesopotamië,
Alle aanhangers gecreëerd door de overspelige vrouw,
Een huiveringwekkend land, zwart van gedaante.
Regels 1 t/m 4

Hij zal binnenvallen goddeloos slecht berucht,
Tiranniserend over Mesopotamië,
Alle aanhangers gecreëerd door de overspelige vrouw,
Een huiveringwekkend land, zwart van gedaante.
De 'overspelige vrouw' in de derde regel verwijst naar de 'hoer van Babylon' uit het hoofdstuk 'Openbaring - 17:1-2-3' van de bijbel en staat symbool voor de opstand tegen God, waarbij het gaat om de belichaming van satans rijk op aarde.
Het Mesopotamië (oftewel Tweestromenland) in de tweede regel is het gebied rond de rivieren Tigris (ca. 1900 km) en Eufraat (ca. 2800 km lang). Het is het kerngebied van de huidige staat Irak en het noordoosten van het huidige Syrië, die teruggaat tot het Paleolithicum. In geschiedkundige werken worden vaak in Mesopotamië Assyrië in het noorden en Babylonië in het zuiden onderscheiden. Dit zijn gewoonlijke geografische aanduidingen. Babylonië bestond zelf oorspronkelijk uit twee delen, het zuidelijke Soemer en wat noordelijker Akkad.
De vierde regel verwijst uiteraard naar de zwarte kleding en vlaggen van IS
Ontstaan van IS (Islamitische Staat)

Het jaar 1999 is niet alleen het jaar waar eindtijd wordt aangekondigt (zie het hoofdstuk "De koning der Verschrikking', aanvang van de eindtijd") maar ook het jaar waarin de militante  groepering 'Jama'at al-Tawhid wal-Jihad' werd opgericht. Na de invasie van Irak in 2003 en de Irakoorlog werd deze beweging berucht door de zelfmoordaanslagen op onder andere sjiieten en de multinationale troepenmacht in Irak. De toenmalige leider van de groep, Abu Musab al-Zarqawi, zwoer in oktober 2004 trouw aan de Iraakse tak van Al Qaida. Ook veranderde hij de naam van zijn beweging in Tanzim Qaidat al-Jihad fi Bilad al-Rafidayn (Al Qaida in Irak), als vereniging van vaak aan Al Qaida verbonden jihadistische organisaties, om naar eigen zeggen "de soennitische Irakezen te beschermen en de islam te verdedigen". Deze beweging fuseerde met enkele andere groeperingen en vormde zodoende de nieuwe strijdgroep Mujahideen Shura Council (MSC). In oktober 2006 veranderde de naam hiervan opnieuw, nu in Dawlat al-ʿIrāq al-ʾIslāmiyyah, Islamitische Staat in Irak ofwel ISI.
De emir van Al Qaida in Irak, Abu Hamza al-Muhajir, werd op vrijdag 20 april 2007 uitgeroepen tot 'minister van Oorlog' voor ISI. Na zijn dood op 18 april 2010 werd hij opgevolgd door Abu Suleiman al-Naser. De eerste emir van de Staat was Abu Abdullah al-Rashid al-Baghdadi, die na zijn dood, eveneens op 18 april 2010, werd opgevolgd door Abu Bakr al-Baghdadi. ISI kreeg naar eigen zeggen de provincies Anbar, Diyala, Ninawa en delen van Babel en Wasit in handen. Baquba werd als 'hoofdstad' van Islamitische Staat in Irak en de Levant aangemerkt. In de steden Ramadi en Falluja kreeg ISI de meeste aanhangers.
Na het uitbreken van de Syrische burgeroorlog in 2011 breidde ISI zijn werkterrein uit met Syrië, door in januari 2012 Jabhat al-Nusra, 'het steunfront', te stichten. Al vrij snel ontstond er echter onenigheid tussen ISI zelf en al-Nusra, waarbij de laatste de steun van Al Qaida kreeg. Reden hiervoor was dat, waar Al Qaida wilde dat ISI in Irak en al-Nusra in Syrië zich toelegden op het bestrijden van respectievelijk de legers van Irak, Syrië en de Verenigde Staten, ISI ook op grote schaal onschuldige burgers - sjiieten, alevieten en vrijzinnige moslims - doodde. In de Syrische burgeroorlog strijdt de terreurbeweging zowel tegen de regering van Bashar al-Assad als tegen diverse andere rebellengroeperingen in Syrië, inclusief zowel gematigd religieuze als jihadistische groeperingen.
Een artikel uit 'Het Laatste Nieuws' (belgië) van 7 september 2015
Militanten van Islamitische Staat
Aanloop tot de derde wereldoorlog

Op dit moment weten we nog niet wat de aanleiding zal zijn tot de derde wereldoorlog, waarbij sommigen menen dat deze al begonnen zou zijn.
Na het onlangs neerhalen van een Russisch gevechtsvliegtuig door Turkije, omdat deze zonder toestemming over Turks grondgebied zou zijn gevlogen, is de stemming tussen beide landen zeer gespannen.
Op 17 december 2015 berichtte het NRC handelsblad hierover het volgende:

Wanneer komt het volgende incident? De afgelopen dagen week kwam het tot tweemaal toe tot een bijna-confrontatie tussen Rusland en Turkije. Zondag vuurde een Russische torpedobootjager in de Egeïsche Zee waarschuwingsschoten voor de boeg van een Turkse vissersboot. Volgens Moskou gebeurde dat om een botsing te voorkomen. De kapitein van het schip liet echter weten de oorlogsbodem op een kilometer afstand te zijn gepasseerd.
Een dag later, nu in de Zwarte Zee, werd een Turks vrachtschip door de Russische marine gedwongen van koers te veranderen. Volgens Rusland kwamen het schip te dicht bij een transport van olieplatforms.
De incidenten zorgen voor verder oplopende spanning tussen Rusland en Turkije, na het neerschieten van een Russische jachtbommenwerper door Turkse F-16’s in het Syrisch-Turkse grensgebied op 24 november. Turkije had gewaarschuwd dat het zou optreden tegen verdere schendingen van het Turkse luchtruim. Niettemin reageerde Moskou als door een adder gebeten. President Poetin sprak van een „messteek in de rug”. Premier Medvedev nam het woord ‘oorlog’ in de mond - in indirecte zin, maar toch. „Vroeger zou in zo’n situatie de oorlog zijn verklaard”, zo zei Medvedev, toen hij uitlegde waarom de economische sancties tegen Turkije gerechtvaardigd zijn.
Niemand kan zeggen wanneer de lont echt in het kruidvat gaat .............
In ieder geval kunnen we er van uit gaan dat IS zijn kans zal grijpen als Europa verdeelt en verzwakt is.