Nostradamus
... een nieuwe visie ...
Laatst bijgewerkt:
12 november 2016
DE VOORSPELLINGEN
ONJUISTE INTERPRETATIES
Napoleon Bonaparte
15 augustus 1769 - 5 mei 1821

De opkomst van Napoleon Bonaparte
Centurie 1, Kwatrijn 60

Veldtocht Sardinië,
22 februari 1793
Centurie 3, Kwatrijn 87

Eerste consul van Frankrijk
Centurie 4, Kwatrijn 54

Grote Sint-Bernhardpas,
mei 1800
Centurie 5, Kwatrijn 20

Inname Milaan
Centurie 3, Kwatrijn 37

Kroning tot keizer van Frankrijk,
2 december 1804
Centurie 8, Kwatrijn 57

Invasie in Rusland, 1812
Centurie 4, Kwatrijn 75

Slag bij Moskou, 1812-1813
Centurie 8, Kwatrijn 85

Verbanning naar Elba,
6 april 1814
Centurie 10, Kwatrijn 24
 
1e Wereldoorlog 1914-1918

Aanleiding tot de
Eerste Wereldoorlog 1914-1918
Centurie 9, Kwatrijn 55

*** UPDATE ***
Oorlogsvoering in de lucht, beide wereldoorlogen
Centurie 1, Kwatrijn 64

*** UPDATE ***
Kerk "St-Gervais-et-St-Protais" geraakt door Parijs-Geschut
29 maart 1918
Centurie 3, Kwatrijn 6
De onfortuinlijke hoofdrolspeler in Centurie 6, Kwatrijn 37 zou dus John F. Kennedy geweest zijn. Maar wie was hij ? Hieronder een kleine samenvatting (uiteraard is er op internet veel meer over hem te vinden).
Zijn leven

Kennedy kwam uit een van oorsprong Ierse rooms-katholieke familie en werd geboren in Brooklyne (Massachusetts) als tweede kind uit een gezin van negen en was bij het grote publiek bekend als de president die de Amerikaanse plannen bekendmaakte om een man op de maan te zetten om zo de ruimtewedloop met de Sovjet-Unie te winnen. Daarnaast werd zijn voortijdig afgebroken termijn gekenmerkt door de Cubacrisis en steeds sterkere Amerikaanse inmenging in de Vietnamoorlog. Kennedy was evenwel een meer pragmatisch dan ideologisch geïnspireerd leider.
Voor regel 2 - 'Vanaf het dak zal het leed op de grote man neerdalen:' wil ik naar een andere hoofdrolspeler in dit kwatrijn, namelijk James Earl Files, die beweert de werkelijke dader van de moord op John F. Kennedy te zijn. Wie was hij ?
De Foto’s

Er zijn twee foto’s in de richting van de Grassy Knoll gemaakt. De ene is van Mary Moorman, de andere is van Richard Bothun. Beide foto’s laten een silhouet zien van een man achter een hek. Bij de Moorman-picture is het moeilijker te zien, maar fotodeskundigen hebben vastgesteld dat er iets achter het hek staat. Bij de tweede foto, die van Richard Bothun, laat duidelijk het silhouet van een persoon zien die wegloopt van het hek (volgende bladzijde, op de tweede foto helemaal rechts).
Het zou James Files kunnen zijn, die van zijn plek achter het hek wegloopt naar de auto waar Charles Nicoletti en Johnny Roselli al in zaten.
Rond deze tijd rent iedereen op Dealy Plaza naar het hek toe; daar waar veel mensen een rookpluimpje vandaan zagen komen. Deze persoon loopt er juist van weg.
Achtergrond

James Earl Files werd geboren in een kleine boerderij net buiten Oakman, Alabama. Zijn oudere zuster, Mary Pearl Files werd geboren in dezelfde boerderij in 1936. Files beweert dat hij de naam Sutton gebruikte tot 1963. De Sutton/Files familie verhuisde in het najaar van 1940 naar Melrose Park, Illinois waar hij opgroeide in een Italiaanse buurt. Hij werd door de lokale politiechef aangemerkt als " jeugd delinquent", kocht zijn eerste auto op 14 jarige leeftijd en toen hij in de 20 was bereed hij motorfietsen en nam deel aan auto race's.
Files zegt dat hij in 1959 bij het Amerikaanse leger ging, terecht kwam bij de 82ste Aiborne Division en naar Laos werd gestuurd als deel van operatie  White Star , waarbij hij onder andere inlichtingenwerk verrichtte.
Charles Nicoletti
Johnny Roselli
Sam Giancana
De 'Richard Bothun' foto
De 'Mary Moorman' foto
Dealy Plaza Dallas - 22 november 1963
Met zijn professionele achtergrond verkreeg Shelton een duidelijk beeld hoe Files, Plumlee en Holt allen eenzelfde verhaal vertelden en dezelfde namen noemden, terwijl ze elkaar niet kenden. Op andere niveaus snijdt Files’ bekentenis ook hout. Prominente moordonderzoekers, onder wie professor van de Notre Dame en voormalig HSCA-adviseur Robert Blakey, professor aan de MIT en auteur van het boek Contract on America David Scheim, algemeen redacteur van Reader’s Digest en auteur van Reasonable Doubt Henry Hurt, auteur van Mafia Kingfish John Davis, en vele anderen hebben geconcludeerd dat het een samenzwering was; elementen van de maffia en de CIA zaten achter de moordaanslag. Meer dan honderd jaar na de moord op president Lincoln werd bewezen dat het een samenzwering was en de moordenaar van Medgar Evers werd dertig jaar later voor het gerecht gebracht.
Na veertig jaar is het moordcomplot op John F. Kennedy ontrafeld door een vastberaden gepensioneerde FBI-agent en een aantal van zijn voormalige collega’s.
Links het 'Texas School Book Depository' gebouw en rechts het 'Dal-Tex' gebouw
Grassy Knoll
Lee Harvey Oswald (18 oktober 1939 - 24 november 1963) zou de vermoedelijke moordenaar van de Amerikaanse president John F. Kennedy gewwets zijn, hoewel er nooit een rechtszaak kon worden aangespannen om zijn schuld te bewijzen. Of hij daadwerkelijk schuldig was, is een onderwerp van  voortdurende discussie, controverse en complottheorieën. Er bestaat discussie of het tegen hem verzamelde  bewijsmateriaal wel voldoende zou zijn geweest voor een veroordeling.

De na de moord op de president benoemde officiële onderzoekscommissie, de Commissie-Warren, wees hem  als enige dader aan. Deze conclusie werd later van verschillende kanten aangevochten. Oswald werd twee dagen na de moord op de president neergeschoten door  nachtclubeigenaar Jack Ruby in Dallas te Texas, toen hij op het punt stond om te worden overgebracht naar de  lokale gevangenis. Het gebeurde voor de draaiende camera van de Amerikaanse televisie, zodat miljoenen  Amerikanen de moord op Oswald rechtstreeks op het scherm konden zien. Oswald werd dodelijk in zijn maag  getroffen. In hetzelfde Parklandziekenhuis te Dallas, waar artsen twee dagen eerder hadden gepoogd om  president Kennedy te redden, vochten deze nu voor het leven van Oswald, eveneens tevergeefs. Hierdoor kon  hij niet aan de rechter worden voorgeleid.
Lee Harvey Oswald, wie was hij, was hij inderdaad een zondebok ?
Onderzoek:

Door de nieuwe president Lyndon B. Johnson werd op 29 november 1963 de officiële  Commissie-Warren opgericht om de moord op de president te onderzoeken. De conclusie van de Commissie  luidde dat Oswald Kennedy had vermoord, en dat hij alleen had gehandeld. Deze bevinding van de  Commissie-Warren zou later de geschiedenis ingaan als de lone nut theory (theorie van de eenzame gek). In  een later onderzoek door de speciale Enquêtecommissie van het Huis van Afgevaardigden aan het eind van de  jaren zeventig echter werd de conclusie getrokken dat het wel degelijk om een samenzwering ging, waarbij Lee  Harvey Oswald was betrokken.

Volgens dit tweede onderzoek had Oswald drie schoten op Kennedy gevuurd en had hij Kennedy vermoord en  Connally verwond, maar er was een vierde schot richting de limousine afgevuurd, en dat was van voren  gekomen maar had niets geraakt. De conclusie over het vierde schot was gebaseerd op geluidsmateriaal. De  betrouwbaarheid van dat materiaal werd later echter aangevochten. In het tweede onderzoek werd aandacht  besteed aan diverse samenzweringstheorieën, waarbij geen duidelijke keuze werd gemaakt voor de ene of de  andere theorie. Wel is sindsdien het officiële standpunt van de Amerikaanse overheid over de moord op de  president niet langer gelijkluidend met de conclusies van de Commissie-Warren.

Over de vraag wie precies verantwoordelijk is of zijn voor de moord op president Kennedy, wat Oswald  daarmee te maken had, en in wiens opdracht Oswald vervolgens vermoord werd, bestaan inmiddels tal van  theorieën.
Jeane L. Dixon (5 januari 1904 - 25 januari 1997) was één van de best bekende Amerikaanse astrologen en zieners van de 20ste eeuw, wegens haar astrologie krantkolom, sommige bekend gemaakte en uitgekomen voorspellingen, en een goed verkochte biografie.

Haar leven:

Dixon werd geboren als Lydia Emma Pinckert uit Duitse immigranten, Gerhart en Emma Pinckert, in Medford, Wisconsin, maar groeide op in Missouri en Californië. Haar vader dreef in Zuid Californië een auto handel met Hal Roach, een Amerikaanse film en televisie producer. Terwijl Dixon opgroeide in Californië, beweerde zij dat een zigeuner haar een kristallen bol had gegeven, haar hand had gelezen en voorspeld zou hebben dat ze een beroemde ziener zou worden en mensen met macht zou adviseren. Ze trouwde in 1939 met James Dixon, een gescheiden man, het huwelijk bleef echter kinderloos. James was een auto dealer in Californië en runde later een succesvol bedrijf in ontroerende goederen in Washington DC. Jeane werkte met haar man voor vele jaren samen in zaken en werd de voorzitter van het bedrijf.
In Januari 1942 vertelde zij de filmactrice Carole Lombard dat het voor haar de volgende zes weken gevaarlijk zou zijn om met een vliegtuig te reizen. Carole, die intens patriottisch was, ging met o.a. haar moeder op reis naar Indianapolis en was niet geneigd om haar plannen wegens een waarschuwing te veranderen.
Toen Jeane er op aan bleef dringen was Carole bereid akkoord te gaan als ze een muntstuk zou opgooien, als het kop zou zijn zou ze haar reis annueleren, maar als het staart zou zijn, zou ze gewoon met het vliegtuig gaan. Het muntstuk kwam 'staart' neer en Carole ging dus met het vliegtuig.
Carole bereikte veilig Indianapolis en was toch van plan om terug te reizen met de trein. Maar het zag er naar uit dat de waarschuwingen zonder betekenis waren waardoor zij op het laatste moment een nachtelijk vliegtuig nam. Bij een reisonderbreking in Albuquerque werden Carole en haar metgezel gevraagd om hun stoelen af te staan aan leger officieren die zich bij hun eenheid moesten aansluiten. Maar Carole, die na een ruzie met haar echtgenoot Clark Gable was weggegaan, was bezorgd en wilde zo snel mogelijk nar huis om het goed met hem te maken.
Ze bereikte hem nooit, dichtbij Las Vegas kwam het vliegtuig in hevig onweer terecht en crashte in de bergen, de 90m hoge vlammen waren mijlen zichtbaar.
Voor de regels 6 en 7 van de kwatrijnen wil ik naar een ander persoon, naar Jeane L. Dixon die in Kennedy's tijd een bekende astroloog en ziener was.
De Arno is een onberekenbare rivier die een zeker overstromingsgedrag vertoont. Binnen enkele dagen kan de rivier van bijna droog overgaan in bijna overstromend. Een belangrijke oorzaak voor dit verschijnsel is gelegen in het landgebruik bovenstrooms. De traditionele landbouw met terrassen (coltura mista) heeft plaats gemaakt voor grote geëgaliseerde percelen met wijndruiven of granen, waar het water minder lang vastgehouden wordt en snel hellingafwaarts stroomt. Versnelde erosie en aardverschuivingen (in het Italiaans: frana) zijn een veel voorkomend verschijnsel.
Florence heeft veel profijt van de nieuwe dammen die stroomopwaarts, onder andere in de bovenloop van de Sieve, zijn geplaatst, waardoor de historische overstromingsproblemen bijna geheel zijn weggenomen.
Robert Francis Kennedy
Plein in Florence met een witte merk steen (rode cirkel) die aangeeft hoe hoog de river Arno kwam (meer dan 2 meter hoog).
Florence, 4 november 1966
Parijs, mei 1968
Londonderry, 5 oktober 1968 - Een betoging van Noord-Ierse katholieken in Londonderry liep uit op een botsing met de politie waarbij 90 gewonden vielen.
One man, one vote (kiesrecht voor iedereen)
Fair boundaries (einde aan de politiek van ‘gerrymandering’, d.w.z. manipulatie met de grenzen van de  kiesditricten ten gunste van protestantse kiezers)
One family, one house (eerlijke verdeling van de woningvoorraad)
One man, one job (eerlijke verdeling van de werkgelegenheid)
Free speech (vrijheid van meningsuiting)
Repeal of the Special Powers Act (afschaffing van de wet uit 1922 die de minister van Binnenlandse Zaken van Noord-Ierland bijzondere bevoegdheden toekende om de orde te bewaren en in de praktijk  uitsluitend tegen katholieken werd gebruikt)
Disbanding of B Specials (de ontbinding van de “B specials”; een door protestanten gedomineerde politiehulpeenheid, die hardhandig optrad tegen vooral katholieken)
Over zowel de moorden op John F. en zijn broer Robert F. Kennedy is inmiddels al heel veel geschreven waardoor er uiteraard ook heel veel over te vinden is op internet. Volgens vele Nostradamus kenners zijn er twee kwatrijnen te onderkennen die betrekking zouden hebben op de moorden op zowel John F. Kennedy als zijn jongere broer Robert F. Kennedy, en wel de volgende:
Centurie 6 - Kwatrijn 37

L'oeuure ancienne se paracheuera,
Du toict cherra sur le grand mal ruyne:
Innocent faict mort on accusera,
Nocent cache, taillis à la bruyne.

Het oude werk zal voltooid zijn,
Vanaf het dak zal het leed op de grote man neerdalen:
Ze zullen een onschuldige, die gedood wordt, van de daad beschuldigen,
Degeen die schuldig is staat gecamoufleerd achter takken en gebladerte.
Centurie 1 - Kwatrijn 26

Le grand du foudre tombe d’heure diurne,
Mal, & predict par porteur postulaire:
Suiuant presage tombe d'heure nocturne,
Conflict Reims, Londres, Ettrusque pestifere.

De grote man zal overdag getroffen worden door een blikseminslag,
De slechte daad voorspeld door de drager van een verzoek:
Volgens de voorspelling sneuvelt een ander in de nacht.
Conflict in Reims, Londen, en pestilentie in Toscane.
De twee kwatrijnen zijn hier met elkaar verbonden door de woorden 'de grote man', regel 2 van Kwatrijn 37 en regel 1 van kwatrijn 26.
En hoewel de naam van Kennedy niet voorkomt in de kwatrijnen valt het op dat Centurie 1, Kwatrijn 26 dicht in de buurt staat van Centurie 1, Kwatrijn 35 die de dood van koning Hendrik II voorspelt (zie hoofdstuk "Levensloop, Levenswerk en Persoonlijkheid").
Joseph Patrick Kennedy had zijn kinderen geleerd dat wat ze ook zouden doen, ze er altijd mee weg zouden komen. Kennedy sr. had zelf dan ook nauwelijks verborgen verhoudingen met andere vrouwen. Ook had deze man grote plannen voor zijn zoons. Hij wilde de oudste, Joseph P. Kennedy Jr. dan ook president laten worden. Helaas kwam deze zoon om in Engeland, tijdens zijn diensttijd in de oorlog. Alle hoop was nu op John F. gericht, die in 1959 net niét, maar in 1960 wél tot president van de Verenigde Staten werd benoemd als opvolger van president Eisenhower. Hij won van de republikein Richard Nixon. De kleine meerderheid van stemmen die voor de overwinning van Kennedy zorgde kwamen van Illinois, West-Virginia. Hier had de Maffia meegeholpen met de stemmen doordat Joseph P. Kennedy, die connecties had met de maffia, had gezegd: “Als jullie mijn zoon laten winnen in deze staat, is het Witte Huis van jullie”.
Voor de CIA was de reden om Kennedy te haten simpel: de Varkensbaai-invasie. De Maffia had deelgenomen aan de operatie omdat ze alle casino’s op Cuba, die ze door Castro waren kwijtgeraakt, terugwilden (Uit: ‘Files on JFK’ zie bronnen). De CIA wilde af van de communisten, en de Cubanen die waren gevlucht toen Castro aan de macht kwam, wilden terug naar hun land. Kennedy had militaire steun toegezegd aan de geheime operatie van de CIA die moest leiden tot de val van de cubaanse leider Fidel Castro. De invasie liep uit op een ramp, nadat Kennedy op het allerlaatste moment de luchtsteun afblies. Door militairen werd hij daarom als een twijfelaar gezien. Van de 1500 Amerikaanse militairen die samen met anti-Castro Cubanen op pad waren gegaan, zijn er veel gevangen genomen of vermoord.
Fidel Castro zelf is uiteindelijk nooit afgezet. Kennedy ontsloeg na de mislukte invasie het hoofd van de CIA; Allen Dulles. Hierdoor werd Kennedy gehaat bij de CIA en de anti-Castro beweging, die in Amerika groots in opkomst was. Later werd diezelfde Allen Dulles benoemd tot lid van de Warren-Commissie.
Niet te vergeten was er de Vietnam-kwestie. Het was een overblijfsel van Kennedy’s voorganger Eisenhower. Kennedy wilde de troepen uit Vietnam terughalen, tot woede van de olie- en wapenindustrie die hierdoor miljoenen aan omzet zouden mislopen. Ook de legerleiding was ontevreden omdat Kennedy geen grootschalige oorlog wilde beginnen tegen communistisch Vietnam.
Tenslotte was de FBI niet blij met Kennedy als president. Hoogste baas J. Edgar Hoover was een grote vijand van Robert Kennedy, omdat deze Hoover nauwe banden schijnt te hebben met de Maffia. De geruchten worden niet meer onderzocht na de moord op Kennedy, opvolger Lyndon B. Johnson schort zelfs Hoover’s pensioen op, terwijl Kennedy hem juist wilde ontslaan. Daardoor blijft Hoover FBI-directeur voor het leven.
Na de brute moord op John Fitzgerald Kennedy op 22 November 1963 werd er een commissie opgesteld om de moord te onderzoeken. Deze heet de Warren-Commissie, die onder leiding is van Earl Warren. Vreemd genoeg zaten er in deze commissie vrijwel alleen Kennedy-haters.
John F. Kennedy had al vroeg een levendige belangstelling voor vrouwen, en had een groot aantal minnaressen, zoals langdurig de Deense journaliste Inga Arvad in Washington in de jaren 40, waarvan de verdenking bestond dat zij een nazi-spionne was. Ook wordt beweerd dat Kennedy tijdens zijn huwelijk een relatie zou hebben gehad met Marilyn Monroe, die hem op zijn vijfenveertigste verjaardag (Happy Birthday, Mr. President) had toegezongen. Bewijs hiervoor ontbreekt echter.
Kennedy's presidentschap begon in een economisch voorspoedige tijd. Wel waren er in de Verenigde Staten intern veel strijdpunten. Met name in het zuiden kwam nog veel racisme voor en was er in het openbare leven sprake van een strikte rassenscheiding vergelijkbaar met apartheid in Zuid-Afrika. Het verzet daartegen nam toe, mede onder de invloed van Martin Luther King. Veel strijders voor civil rights waren geïnspireerd door de vooruitgangsboodschap van president Kennedy, maar kregen in de praktijk geen steun van de president. Kennedy vond het opheffen van rassenscheiding een zaak van de individuele staten, en niet van de federale overheid. Slechts als federale wetten werden overtreden (zoals de weigering zwarte reizigers te bedienen bij interstate busreizen) greep hij in. De zwarte bevolking van de VS moest wachten op president Johnson, de opvolger van Kennedy, voordat er daadwerkelijk wetgeving tot stand zou komen die discriminatie op basis van huidskleur onwettig verklaarde.
Op 22 november 1963 werd Kennedy dodelijk verwond door geweerkogels terwijl hij in een open presidentiële limousine over Dealey Plaza in Dallas in de Amerikaanse staat Texas gereden werd. Zijn rijtour was onderdeel van een publieksreis door Texas, mede georganiseerd met het oog op zijn eventuele herverkiezing in 1964. Samen met zijn vrouw Jacqueline Bouvier (Jackie Kennedy), vice president Lyndon B. Johnson, gouveneur John Connally met zijn vrouw Nellie, Roy Kellerman en senator Ralph Yarborough. In de presidentiële limousine zitten Nellie, John Connally en daarachter Kennedy en Jackie. Het is 12:30 Amerikaanse tijd, de stoet rijdt de bijna 90° bocht in op Elm Street. Als de bocht eenmaal is genomen rijdt de auto stapvoets door. Opeens houdt Kennedy op met zwaaien en grijpt naar zijn keel. Er is op hem geschoten. Ook Connally is geraakt. Jackie buigt zich opzij naar haar man en op dat moment spat het hoofd van John F. Kennedy uit elkaar. Jackie klimt over de limousine heen en grijpt naar een stuk weggeschoten schedel. Dan rijdt de limousine met 150 km/u onder het viaduct door, op weg naar het Parkland Memorial Hospital. Op Dealy Plaza heerst er totale chaos en paniek. Iedereen rent naar het grasveldje, want daar hoorden mensen schoten vandaan komen. Ook van achter de limousine, vanuit de  richting van het schoolboekenmagazijn, zijn schoten gehoord.
Kennedy was de vierde Amerikaanse president die vermoord werd, en de achtste die tijdens de uitoefening van zijn ambt overleed. Twee officiële onderzoeken leidden tot de conclusie dat Lee Harvey Oswald, werkzaam in het Schoolboekenmagazijn op Dealey Plaza, de moordenaar was. Volgens het onderzoek van de Commissie-Warren handelde Oswald alleen, volgens het onderzoek van de Enquêtecommissie van het Huis van Afgevaardigden was er ten minste nog één andere schutter. De moord op Kennedy is nog altijd onderwerp van speculatie en heeft stof opgeleverd voor vele samenzweringstheorieën.

De van de moord verdachte Lee Harvey Oswald werd enige dagen later neergeschoten door nachtclubeigenaar Jack Ruby.

Het graf van John F. Kennedy bevindt zich op de begraafplaats Arlington National Cemetery, Virginia, vlakbij het Pentagon. Met een "eeuwige vlam" getooid is het voor de vele bezoekers een herdenkingsplaats.
Voor het gemak wil ik de vertalingen van de kwatrijnen onder elkaar zetten en nummeren:

1 - Het oude werk zal voltooid zijn,
2 - Vanaf het dak zal het leed op de grote man neerdalen:
3 - Ze zullen een onschuldige, die gedood wordt, van de daad beschuldigen,
4 - Degeen die schuldig is staat gecamoufleerd achter takken en gebladerte.

5 - De grote man zal overdag getroffen worden door een blikseminslag,
6 - De slechte daad voorspeld door de drager van een verzoek:
7 - Volgens de voorspelling sneuvelt een ander in de nacht.
8 - Conflict in Reims, London, en pestilentie in Tuscany.
Deze regel impliceert dat de persoon in kwestie een nieuwe functie is gaan bekleden en dat hij of zij deze nieuwe werkzaamheden blijkbaar nog niet zolang uitvoert (anders had deze regel geen betekenis gehad).
Bovendien kan uit regel 2 opgemaakt worden dat het hier om een man gaat (
'de grote man'), waarbij uit het woord 'grote' kan worden geconcludeerd dat hij populair was bij het volk.
Daarnaast was hij ambtieus en zal veel werk verzet hebben alvorens hij de nieuwe functie aanvaardde.

John. F. Kennedy was senator van 1952 tot 1960 en daarna was hij nog geen 3 jaar president.
CIA / FBI en Maffia connecties

Rond de Kennedy-tijd was de Maffia in Amerika groots. Zelfs FBI-directeur J. Edgar Hoover had er banden mee. De grootste afdeling, die in Chicago, werd geleid door Sam Giancana. Onder hem stonden Charles Nicoletti en Johnny Roselli. Deze Roselli was een corrupte CIA-man met Maffia-contacten, zoals Jack Ruby. Ruby was dan ook direct betrokken bij de moord op John F. Kennedy.
Files, momenteel gevangen in de Joliet gevangenis te Illinois waar hij een gevangenisstraf van 30 jaar uitzit voor een moord op een agent, bekende in 1994 het fatale schot op John F. Kennedy gelost te hebben. Na zijn dienst bij de marine ontmoette hij Charles Nicoletti. James Files raakte zo verzeild in de Maffia en werd de chauffeur voor Nicoletti. In november 2003 is er een drie-uur durende film gemaakt waarop James Files zijn bekentenis doet en namen noemt van mensen die er in betrokken zijn geweest.
James Earl Files was 21 jaar oud toen de plannen werden gemaakt om John F. Kennedy te vermoorden. Charles Nicoletti vroeg Files of hij chauffeur wilde zijn voor de reis naar Dealy Plaza. Aangezien Files een Kennedy-hater was (wegens de Varkensbaai invasie waar hij zelf in betrokken was geweest) stemde hij toe. Het plan was om Kennedy in Chicago te vermoorden, maar drie maanden vóór 22 november werd het toch Dallas.
Om de omgeving van Dealy Plaza te verkennen werd James Files eerder naar Dallas gestuurd. Dit om te zien wat de beste vluchtroutes, de kruispunten en de verkeerslichten waren en te zien hoelang deze lichten op rood stonden. Daarnaast was het zijn taak om de beste plek voor een schutter uit te kiezen.
Files verbleef in een klein hotel en had met zijn baas Charles Nicoletti en met zijn CIA-mentor David Atlee Phillips gebeld. Alleen deze twee mensen wisten waar Files zich bevond. Files schrok dan ook toen ineens Lee Harvey Oswald aan zijn deur kwam. Oswald had van zijn CIA-mentor de opdracht gekregen om samen met Files de omgeving te onderzoeken. Deze mentor was ook David Atlee Phillips. Files en Oswald reden naar een open plek waar de wapens uitgetest konden worden. Files schoot, Oswald raapte de lege hulzen op.
Nicoletti had echter niet de militaire ervaring die Files had. Files zei dan ook tegen Nicoletti dat hij hoog moest richten, dat het doel van hem af zou bewegen. Hij moest boven het hoofd richten om hem in het hoofd te raken.
Pas vanaf dat moment was James Files echt betrokken bij de moord en zou hij zelf mede-schutter worden.
Charles Nicoletti had zijn plek op Dealy Plaza al gevonden; hij zou vanaf het raam op de eerste verdieping van het Dal-Tex gebouw schieten. Volgens Files zou hij geregeld hebben dat hij het gebouw in mocht.
Dit laatste is echter twijfelachtig, net als de vraag of Nicoletti wel zelf de schutter geweest is, hier zijn geen bewijzen voor.
Lee Harvey Oswald

Tijdens het interview met Files vertelde hij dat Lee Harvey Oswald helemaal niets met de moord te maken had, niet geschoten zou hebben en slechts een zondebok was, precies zoals Oswald zelf ook volhield. Er zouden zogenaamd hulzen en een geweer zijn aangetroffen, maar waarschijnlijk neergelegd om Oswald te kunnen beschuldigen.
Regel 2

Vanaf het dak zal het leed op de grote man neerdalen:

Nostradamus zag wat er werkelijk gebeurde, de echte schutter schoot driemaal vanaf het dak van het Dal-Tex gebouw, waarbij het laatste schot vrijwel direct met het vierde fatale schot van Files werd afgevuurd.
Ballistisch onderzoek heeft uitgewezen dat de drie kogels die de president van achter raakten vanaf de 5de of 6de verdieping van het 'Texas School Book Depository' gebouw of vanaf het dak van het Dal-Tex gebouw afgevuurd moeten zijn.
De aanslag

James Files had de omgeving al goed bestudeerd en vond bij de Grassy Knoll, de plek achter het hek, verscholen achter gebladerte, de beste plek om te schieten. Zijn wapen zou de Remington-Fireball XP100 zijn; een modern wapen voor die tijd. Een wapen met weinig terugslag en kogels van kwik die explodeerden als ze hun doel zouden raken.
Regel 5

De grote man zal overdag getroffen worden door een blikseminslag,

Thunderbolt en Fireball, oftewel blikseminslag en vuurbol. En dan geen gewone kogels, maar kogels van kwik die ook nog eens explodeerden als ze hun doel zouden raken.
In de tijd van Nostradamus waren soortgelijke handvuurwapens nog geheel onbekend, maar ik denk dat de beschrijving niet treffender had gekund.
James Files richt op Kennedy’s rechteroog en haalt de trekker over. Op dat moment beweegt het lichaam van de president iets naar voren en dus raakt de kogel hem in zijn rechterslaap. Zijn hoofd explodeert en vliegt naar achter waarbij en stuk schedel wegslaat. John F. Kennedy is dodelijk in zijn hoofd getroffen.
Volgens James Files was het alsof de tijd stil stond op Dealy Plaza. Mensen lieten zich op de grond vallen en bleven daar liggen. Ook de politie- en beveiligingsmannen wisten voor ruim een halve minuut niet wat ze moesten doen. In deze tijd borg James Files zijn wapen op en beet met zijn tanden op de achterkant van de gebruikte huls; dit was zijn handelsmerk. Het liet een deukje achter, plaatste de huls daarna als trofee op de punt van het hek en liep weg.
Regel 4

Degeen die schuldig is staat gecamoufleerd achter takken en gebladerte.

Deze regel zegt volgens mij genoeg. Files had zijn jas omgedraaid en door het ruitjespatroon leek het op een jas van een spoorwegmedewerker (camouflage). Regelmatig wordt deze zin vertaald als: 'Degeen die schuldig is zit in een mistig kreupelbosje', maar het woord 'mistig' is hier niet op zin plaats, het gaat hier om iemand die zich anders voordoet, om camouflage.
Leugen of waarheid ?

James Files zou kunnen liegen. Het is natuurlijk dom om de huls op de punt van het hek te laten staan. Maar waarom zou hij dit verzinnen als hij graag wil dat mensen hem geloven? Als het waar is wat Files beweert zijn er sporen van kwik te vinden in het lichaam van president John F. Kennedy. Als het lichaam zou worden opgegraven zouden de in- en uitschotwonden officieel bekend zijn, maar dit gebeurt niet.
Zou Files die huls niet in de grond hebben gestopt om er later de aandacht mee te krijgen? Dat is erg onwaarschijnlijk, omdat hij van 1980 tot 1988 in de gevangenis zat. De huls werd in 1987 gevonden; Files had hem dus vóór 1980 moeten planten.
Ook is er een dateringstest gedaan op de huls, die bewijst dat hij van rond 1963 is. Remington heeft in 1971 de tekst op de onderkant van de huls veranderd. Een slash is toen vervangen door een punt. Dus het gaat in ieder geval om een huls van vóór 1971.
In 1980 werkte Shelton aan de zaak James Earl Files, een maffioso uit Chicago. Files werd later gearresteerd en veroordeeld wegens het drijven van een maffia operatie waarin gestolen auto’s naar Texas en Mexico werden gebracht. Gedurende het FBI-onderzoek naar James Files, ten behoeve van het Interstate Transport of Stolen Goods, ondervroeg agent Shelton één van de betrouwbare FBI-informanten. Deze informant reed met James Files in Dealey Plaza in Dallas en vertelde aan Shelton dat Files “een vreemde
opmerking had gemaakt” die min of meer inhield dat “als het publiek ooit te weten zou komen wat er op Dealey Plaza werkelijk was gebeurd, ze dat niet aan zouden kunnen”. Deze opmerking bleef Shelton jaren bij.
Gedurende de ontmoetingen met de detective gaf Shelton hem de informatie over James Earl Files, gebaseerd op het verhaal van de FBI-informant uit 1980. West spoorde de man op in een gevangenis in Illinois. Maar West stierf in 1993.
Voor West’s overlijden bracht zijn compagnon, muzikanten manager Bob Vernon, het project naar Fox Network waar een mondelinge overeenkomst tot stand kwam tussen de directeur programmering en Vernon. Het was Vernon opgevallen dat een voormalige CIA-agent, die met hem en West had gewerkt, niet bij de begrafenis van West was. Hij hoorde dat deze man in Los Angeles een ontmoeting had gehad met Fox “over een script”. Enkele weken na de begrafenis van West, belde Vernon met Fox en vernam dat de directeur programmering ontslagen was.
Clark gaf de tape in licentie aan een videodistributeur in de omgeving van Chicago en de VHS kwam in de Blockbuster winkels te liggen waar het snel de top 15 haalde. Ook in Hard Copy en Parade Magazine werd geadverteerd. Net toen het Hard Copy verhaal bekend gemaakt zou worden kwam de voormalige CIA-agent (die in 1993 bij Fox was verschenen) bij de distributeur in Illinois opdagen en sprak met de firma over een Kennedy-programma dat “het land zou helen”. De video verdween om onverklaarbare redenen uit de schappen van Blockbuster.
In 1998 ging Zack Shelton met pensioen. Vernon nam contact met hem op en vroeg hem eens te kijken naar het bewijsmateriaal dat hij tussen 1992 tot 1998 had verzameld. Na een eerste onderzoek van het materiaal stemde Shelton toe om de leiding van het onderzoek op zich te nemen. Hij werd op het vliegtuig gezet naar Burbank waar hij een persoonlijke ontmoeting had met Dick Clark en hem vertelde wat er nodig was om de JFK-zaak te bewijzen of te weerleggen. Clark wees zijn medewerking af. Shelton ging toen alleen verder.
Derhalve had de Commissie Warren slechts twee schoten om alle wonden van JFK en gouverneur John Connally te verklaren. Arlen Specter; een speciale adviseur voor de Commissie, kwam op de proppen met de beruchte “single bullet theorie”, die ervan uitging dat de tweede kogel zowel de president als gouverneur Connally geraakt had, door hun lichaam ging, 7 wonden veroorzaakte en daarbij botten verbrijzelde. Als bewijs hiervoor aanvaardde de Commissie Warren een opmerkelijk gave kogel die op een brancard bij het Parkland Memorial Hospital werd gevonden. “De magische kogel” werd hij al snel door de sceptici genoemd. Het derde en fatale schot blies het hoofd van de president aan flarden. Tot staving van zijn conclusies beweerde het Rapport van de Commissie Warren dat er op de zesde verdieping van het Book Depository drie gebruikte Mannlicher-Carcano patroonhulzen waren gevonden. Als er een vierde schot was en als één van de schoten niet was afgevuurd vanuit het “sluipschuttersnest” op de zesde verdieping - dan zou de hypothese van de commissie in elkaar vallen.
Shelton ontdekte in de officiële FBI- documenten uit 1963 dat de FBI maar twee hulzen van de politie uit Dallas had gekregen. Een derde werd vreemd genoeg later toegezonden.
Shelton ondervroeg daarna de gepensioneerde FBI-agent James W. Sibert in zijn huis in Florida. Sibert was aanwezig bij de autopsie van JFK in Bethesda. Sibert toonde aan dat Gerald Ford van de Commissie Warren had geknoeid met het bewijs en dat Arlen Specter een valse getuigenis voor de Commissie had afgelegd over het bewijs in Bethesda.
Toen hij zich realiseerde dat zijn vroegere FBI-collega’s ook veel informatie over de Kennedy-moord hadden verzameld in de loop der jaren, bezocht Shelton gepensioneerde agenten in San Diego, Chicago, Florida, Los Angeles, New York en Washington DC, en kreeg van hen talloze aanwijzingen.
Hij ontdekte dat het House Select Committee on Assassinations (HSCA) in 1978, op basis van akoestisch bewijs, tot de conclusie was gekomen dat er meer dan drie schoten waren geweest en dat er dus door meer dan één schutter geschoten was. De moord op Kennedy moest dus een samenzwering zijn. Ook publiceerde de HSCA een rapport over de mogelijke betrokkenheid van de maffia.
Jammer voor de Commissieleden, maar de Zapruder film geeft ons een zeer duidelijk beeld van Kennedy op het moment dat hij werd geraakt. Zijn hoofd was enigszins naar links en naar voren gedraaid, niet meer dan 15-20 graden, toen de kogel insloeg. Bij het inslaan van die kogel laat de Zapruder film zien dat zijn hoofd heftig naar achteren en naar links slaat, precies zoals te verwachten is van een schot dat van rechts en van vóór de limousine komt. De kogel naar Kennedy’s hoofd kan niet vanuit het schoolboekenmagazijn zijn afgevuurd. Volgens Files heeft bijna gelijktijdig met dit schot, een andere kogel die vermoedelijk door Nicoletti werd afgevuurd, de president in zijn achterhoofd geraakt. De eerste kogel leidde ertoe dat Kennedy’s hoofd een fractie van een seconde naar voren bewoog, zodat Files’ kogel de rechter slaap van JFK binnendrong, terwijl hij mikte op het rechter oog. De exacte bewegingen van het hoofd zoals Files ze heeft beschreven zijn op de Zapruder film te zien.
Talrijke getuigen op Dealey Plaza hebben verklaard dat de laatste twee schoten vrijwel gelijktijdig waren en niet door hetzelfde geweer afgevuurd hadden kunnen zijn.
Eén voor één spoorde hij de personen op die in al de boekengenoemd werden, die nog steeds in leven waren en hun ervaringen vertelden. Vervolgens begon hij de aanwijzingen na te gaan die genegeerd waren. Gravend door eerder verzegelde files van de politie in Dallas, vond Shelton het ontvangstbewijs van de gevonden patroonhulzen. Dit ontvangstbewijs ging vergezeld van een foto en toonde duidelijk dat niet drie, maar twee hulzen waren gevonden op de zesde verdieping van het boekenmagazijn. Het ontvangstbewijs en de foto toonden ook kogelfragmenten afkomstig uit de pols van gouverneur Connally die veel groter waren dan enig vermist gedeelte van de “magische kogel”. Shelton ging naar de Joliet gevangenis in Illinois waar hij James Files ontmoette. Shelton wist al dat Files de chauffeur en lijfwacht was geweest van Charles Nicoletti, die één van de huurmoordenaars was van de maffia familie van Sam Giancana uit Chicago. Files sprak met Shelton en hij bevestigde tot in details zijn op band opgenomen verklaring van 1994. Shelton controleerde zijn verhaal systematisch stap voor stap en probeerde Files op inconsistenties te betrappen. Files had bekend dat hij een van de schutters in Dallas was geweest en dat hij vanachter een hek met een Remington Fireball het hoofd van president Kennedy had geraakt.
Diezelfde plek is ook de locatie van het vierde schot, zoals akoestisch vastgesteld was in het onderzoek van de commissie van het Huis van Afgevaardigden. Files had gezegd dat hij het wapen snel in zijn koffer deed en voor het Texas boekenmagazijn langs naar het parkeerterrein liep van het Dal-Tex gebouw terwijl andere mannen in pak hem een vrije aftocht boden door omstanders terug te wijzen met geheime dienst passen.. De Bothun foto laat het silhouet zien van een man lopend voor het boekenmagazijn op het moment na de aanslag waarop Files had beweerd dat hij kalm wegliep als een zakenman voor zijn lunch.
Shelton controleerde elk detail van het verhaal van Files, inclusief de plaatsen waar hij woonde en opgroeide, zijn militaire dienst, zijn zakenpartners en familie, zijn betrekking met de Maffia en de geheime CIA JM/WAVE-oorlog tegen Fidel Castro, en natuurlijk zijn verslag van wat er gebeurde in Dallas op 22 november 1963. Shelton en de strafadvocaat Don Ervin uit Houston ontwikkelden een compleet levensprofiel van hem. Files kinderjaren waren gewoon, maar als tiener in Melrose Park in Chicago, verrichtte hij kruimelwerk voor een plaatselijk maffiabaas. Zijn eerste moord, op 16 jarige leeftijd, pleegde hij om zijn zusters moord te wreken. Tijdens zijn dienst in de 82e Luchtmachtbrigade in Laos, executeerde hij, om wat hij een gerechtvaardigde reden vond, twee leden van een bevriende Laotiaanse eenheid en werd terug naar de VS gebracht om voor de krijgsraad te verschijnen. Door die gebeurtenis in Laos, kwam hij voor het eerst onder de aandacht  van de paramilitaire specialisten van de CIA, die hem rekruteerden voor de Varkensbaai invasie en de krijgsraad affaire afbliezen.
Terug in Chicago, waren zijn kwaliteiten als scherpschutter en racewagencoureur de reden voor Maffia huurmoordenaar Charles Nicoletti om hem aan te stellen als zijn lijfwacht en chauffeur. Tot de dag van vandaag blijft Files erg loyaal naar zijn vermoorde mentor. Nicoletti werkte voor Sam Giancana die met Johnny Rosselli en Santos Trafficante was aangetrokken door de CIA om Fidel Castro te vermoorden. Eén en ander is uitgebreid aan het licht gekomen tijdens de HSCA onderzoeken eind jaren zeventig.
Dit bracht Files aan de zelfkant van CIA’s paramilitaire operaties. Hoewel ze faalden in het vermoorden van Castro, hebben ze andere executies uitgevoerd in Florida en Zuid-Amerika. Dit alles is door Files verklaard in uitvoerig en overtuigend detail. Details die intensief zijn onderzocht door Shelton en andere onderzoekers. In 1977 werd Nicoletti geëxecuteerd enkele dagen voordat hij moest voorkomen om te getuigen voor de HSCA. Giancana werd thuis vermoord en Rosselli werd in stukken gehakt en in een vat gestopt dat drie weken laten boven kwam drijven in Biscayne Bay, Miami.
Files werd gekidnapt en beestachtig gemarteld; rapporten van de politie van Chicago en de FBI bevestigen dat politieagenten hem na zijn marteling naakt en vrijwel dood op straat vonden. Gerechtelijke stukken en gevangenisdocumenten beschrijven de rest van zijn criminele carrière tot in de details.
Het verhaal van Files onderzocht

Shelton bestudeerde de rapporten van een groot detectivebureau dat was ingehuurd om te proberen Files’ verhaal te ontkrachten, maar hij vond geen tegenstrijdige informatie. Shelton bekeek de rapporten van een vooraanstaande expert op het gebied van stem-stressanalyse, waarmee kan worden bepaald of iemand de waarheid vertelt. Deze expert werd ingehuurd om de video-opname van Files’ bekentenis te onderzoeken. Hij concludeerde dat Files in Dallas was op het moment dat Kennedy werd vermoord, precies zoals hij beweerde. De details klopten en er konden geen gevangenisdocumenten, bekeuringen of andere documenten worden gevonden die zijn verhaal konden bestrijden.
Shelton interviewde John Rademacher. Hij had in 1987 delen van Dealey Plaza opgegraven op plekken waarvan hij dacht dat de moordenaars konden hebben gestaan. Hij vond (met getuigen, inclusief camera’s van een lokaal tv-station) een .222 patroonhuls die enkele centimeters diep in de grond lag. Gebruikmakend van de Terminus Post Quem dateringtechniek had een onderzoeker aan de UCLA bevestigd dat de huls ongeveer ten tijde van de moord in de grond moet zijn gedeponeerd. De huls bezat merkwaardige deukjes die Rademacher niet had kunnen identificeren. Vernon nam de huls mee naar dr. Paul Stimson, een forensisch tandheelkundige van de Universiteit van Texas in Houston, die tot de slotsom kwam dat de inkepingen inderdaad door menselijke tanden waren gemaakt. Files beweerde dat zijn baas, Charles Nicoletti, schoten op Kennedy had afgevuurd vanuit het wc-raam achter de brandtrap op de tweede verdieping van het Dal-Tex gebouw. In tegenstelling tot het ‘sluipschuttersnest’ ligt het traject van een kogel afgeschoten vanaf deze locatie perfect in lijn met de wonden in president Kennedy’s hoofd en rug.
Bekende CIA-agenten van JM/WAVE bevestigden gedeeltes van Files’ verhaal. Tosh Plumlee bijvoorbeeld werkte als piloot en was meer dan dertig jaar lang ingehuurd voor de CIA, de inlichtingendienst van de landmacht en de DEA. Hij is vele malen opgeroepen om te getuigen voor Congrescommissies.
Plumlee heeft getuigd dat hij de jonge co-piloot was van een DC- 3 die op de ochtend van de moord een team van de CIA naar Dallas vloog. Johnny Rosselli was één van de passagiers aldus Plumlee. FBI documenten die onder de Freedom of Information Act zijn verkregen, staven dat Plumlee in de jaren ’60 en ’70 werkte met Rosselli. Hij zegt ook dat zijn team de opdracht had om de moordaanslag, die volgens geruchten zou plaatsvinden, voortijdig af te breken. Files weet niet beter dan dat het complot door de georganiseerde misdaad uit Chicago was gepland; hij kende geen andere bron van de opdracht tot moord dan zijn activiteiten met Nicoletti en Rosselli. Files zegt dat Oswald hem voorafgaand aan de moord heeft geassisteerd door hem rond te leiden in Dallas en dat Oswald die opdracht slechts heeft kunnen krijgen van hun gemeenschappelijke CIA baas David Atlee Phillips, die hen maanden tevoren al aan elkaar had voorgesteld.
Files zei tevens dat hij telefonisch had gesproken met Phillips, toen hij net in Dallas was aangekomen. Files beweert dat hem pas 2 uur voor de moordaanslag is gevraagd om één van de schutters te zijn, omdat Johnny Rosselli koudwatervrees had gekregen naar aanleiding van het bericht dat een groep binnen de CIA de aanslag wilde verijdelen. Files noch Plumlee weten op welk niveau binnen de CIA het moordcomplot bekend was. Plumlee gelooft niet dat de CIA als instantie opdracht gaf tot de aanslag op Kennedy. Hij denkt echter dat anderen in de enorme, ongeorganiseerde JM/WAVE organisatie van door de CIA ingehuurde ‘zwarte geheimagenten’, gewelddadige Cubaanse ballingen en maffia-huurmoordenaars er duidelijk wel van wisten en er mogelijk bij betrokken waren.
Shelton interviewde de voormalige directeur van de gevangenis in Joliet, die vele uren had gepraat met Files. De gevangenisdirecteur gaf Shelton te kennen dat hij de indruk had dat Files de waarheid sprak over de moord op Kennedy. Shelton reisde naar San Diego, waar hij de familie van de overleden Chauncey Holt interviewde. Holt was een bekende maffia/CIA dubbelagent. De dochter van Holt had twee weken voor haar vaders dood zijn verhaal over zijn activiteiten rond de moord op JFK op video opgenomen. Shelton ontdekte dat Holt niet alleen een van de drie zogenaamde zwervers was die op 22 november 1963 op Dealey Plaza werden gearresteerd en gefotografeerd, maar dat hij de dag voor de moord ook maffialid Charles Nicoletti vanuit de Grace Ranch in Arizona naar Dallas had gereden. Chauncey Holt identificeerde de andere twee “zwervers” als Chuck Rogers en Charles Harrelson, een bekende contractmoordenaar en ook de vader van acteur Woody Harrelson.
Zijn leven:

Oswald werd geboren in New Orleans in de staat Louisiana. Hij had een zeer onrustige jeugd: zijn  vader stierf voor zijn geboorte en zijn moeder was twistziek, hoewel ze hem ook adoreerde. Het gezin, met nog  een oudere broer en een halfbroer, was voor Oswalds achttiende verjaardag al 22 maal verhuisd, en Lee had 12  verschillende scholen bezocht. Na zijn achttiende verjaardag kwam hij bij de marine, waar hij een vreemde eend  in de bijt was vanwege zijn leesmanie en zijn interesse in het communisme. Desondanks kreeg hij een training  als radarspecialist (waar een zeer hoge veiligheidsklassering voor nodig was). Hij werd gestationeerd op de  luchtmachtbasis El Toro in het Californische Irvine, later op een luchtmachtonderdeel voor de marine in het  Japanse Atsugi. Dit was een basis voor spionagevluchten boven de Sovjet-Unie. Hij was in deze tijd  geabonneerd op het communistische blad "The Worker" en leerde zichzelf Russisch. Blijkens getuigenissen  van zijn medemariniers was hij geen beste schutter, maar toch slaagde hij erin de op een na beste  onderscheiding voor scherpschieten in de wacht te slepen in de vorm van het bijbehorende insigne.
Hierna verliet hij het corps Mariniers, en verbleef hij twee jaar in de Sovjet-Unie, waar hij op 30 april 1961  trouwde met de twee jaar jongere Marina Proesakova, een studente farmacie. Hun eerste kind werd daar  geboren in februari 1962. Maar uiteindelijk beviel het hem er niet, en na het vervullen van de vele formaliteiten  keerde hij met zijn vrouw terug naar de Verenigde Staten, waar hij diverse baantjes had in het gebied rond  Dallas en Fort Worth in Texas. Hij bewoog zich in kringen van anticommunistische Russen, waarvan de  belangrijkste de aristocraat George de Mohrenschildt was.
Moord op Kennedy:

Volgens de Commissie-Warren kocht hij in maart 1963 een geweer en een revolver onder het alias Alek J.  Hiddell. Deze werden later in verband gebracht met de moord op de president op 22 november 1963. Oswald  werd enkele uren later aangehouden, en ontkende dat hij de schoten op de president had afgevuurd of iets  tegen Kennedy te hebben. Tijdens zijn ondervraging door de politie, die deels met een leugendetector  plaatsvond, ontkende Oswald het geweer gekocht te hebben. Ook ontkende hij zijn handtekening onder het  bestelformulier voor het geweer te hebben geplaatst. Politiek was hij niet gemotiveerd, noch zei hij lid te zijn van  de Communistische Partij. Tegen journalisten zei hij later: I didn t shoot anyone en I m just a patsy (Ik heb  niemand neergeschoten, ik ben slechts een zondebok).
Onschuldig ?

De onschuld van Oswald werd later ondersteund door tal van critici van het officiële onderzoek  naar de moord op de president; de belangrijkste van hen was Jim Garrison, officier van justitie te New Orleans,  waar Oswald in de tijd voor de moord ook regelmatig te vinden was, en waar hij vele ontmoetingen had in het  anticommunistische circuit. Op Garrisons boek Op het spoor van de moordenaars baseerde de cineast Oliver  Stone zijn geruchtmakende film JFK uit 1991, waarin de vermoedelijke moordenaars van de president worden  gezocht in kringen van de CIA, en Oswald als geheim agent bezig is om door te dringen in een ogenschijnlijk  communistisch complot, met de bedoeling de moord te voorkomen. Ook recentelijk werd zijn onschuld  bevestigd door de voormalige CIA-man James Files, die beweert dat hijzelf het dodelijke schot op de president  heeft afgevuurd. Documenten waaruit zou kunnen blijken of Oswald inderdaad een geheim agent was, zijn  echter tot het jaar 2029 officieel staatsgeheim.
Regel 3

Ze zullen een onschuldige, die gedood wordt, van de daad beschuldigen,

Ook deze regel lijkt me genoeg verklaard, Nostradamus voorzag het.
Haar carrière als ziener:

Hoewel ze hem niet bij naam noemde, voorspelde ze op 13 mei 1956 in 'Parade Magazine' (een Amerikaans nationaal magazine dat gedistribueerd wordt bij meer dan 500 zondagskranten) onbedoeld de moord op president John F. Kennedy.
Ze schreef dat de presidents verkiezingen van 1960 gedomineerd zou worden door de republikeinen maar gewonnen zou worden door een democraat die (niet noodzakelijkerwijs in zijn eerste termijn) of vermoord zou worden of sterven in het Witte Huis.
Ze gaf later toe dat ze gedurende de verkiezingen van 1960 Richard Nixon als de winnaar zag en dat John F. Kennedy zou falen. Haar eerste visioen bleek achteraf toch de juiste te zijn.
In 1960 werd John F. Kennedy de jongste ooit verkozen president, op de kleinste meerderheid van de populaire stemming. Begin 1963 begon Jeane Dixon nieuwe, storende voorgevoelens over de veiligheid van de president te krijgen en ze ondernam verscheidene pogingen om hem van het gevaar, dat zij vooruit had gezien, te waarschuwen.
Op de ochtend van vrijdag 22 November 1963, vertelde zij aan vrienden: ' Dit is de dag dat het zal gebeuren.' Die middag, Kennedy reed in een open auto door Dallas, Texas, werd hij neergeschoten.
Door een paar correcte of slechts samenvallende voorspellingen te benadrukken, en degeen die verkeerd waren allemaal te negeren, verwierf zij publiciteit. Haar capaciteit om het publiek op deze wijze te overtuigen is bekend geworden als het Jeane Dixon effect.

John Allen Paulos, een wiskundige bij de Temple University (Philadelphia, Pennsylvania) noemde de term 'Het Jeane Dixon effect', wat naar een tendens refereert om een paar correcte voorspellingen te promoten en een groter aantal onjuiste voorspellingen te negeren.
Veel van Dixon' s voorspellingen bleken vals, zoals haar voorspelling dat een geschil tussen de Chinese Eilanden Quemoy en Matsu in 1958 het begin van een derde wereldOorlog zou teweegbrengen en dat de Russen de eerste zouden zijn om mensen op de maan te zetten.
Regel 6

De slechte daad voorspeld door de drager van een verzoek:

Met de 'drager van een verzoek' wordt algemeen aangenomen dat hier Jeane Dixon wordt bedoeld, maar niemand geeft aan waarom.
De oorspronkelijk regel is:
'Mal, & predict par porteur postulaire:'

Een postulant (vanuit het Latijns: 'postulaire', 'om te vragen') was in het Oosten oorspronkelijk een aspirant-monnik die vele verzoeken / aanvragen moest indienen om tot een bepaalde kloosterorde te worden toegelaten. Postulantie was een inleidende fase voorafgaande aan het noviciaat zoals dat bestond in een monastieke instelling zoals in kloosters. Terwijl de monnik bleef bidden voor toelating werd hij op verschillende manieren ontmoedigd om de oprechtheid van zijn bedoelingen en de echtheid van zijn roeping te testen.

En dit is precies wat Nostradamus zag. Doordat ze naast juiste ook vele onjuiste voorspellingen deed, moest Jeane Dixon moest zich telkens weer opnieuw bewijzen om haar 'echtheid' aan te tonen.
Vijf jaar later was Jeane Dixon bij een vergadering in het Hotel van de Ambassadeur in Los Angeles toen een ondervrager vroeg of Robert Kennedy ooit president zou worden, waarop ze antwoordde: 'Hij zal wegens een tragedie precies hier in dit hotel nooit president van de Verenigde Staten worden.
Een week later, juist toen hij een overwinningsrede had uitgesproken na zijn succes in de voorverkiezing in Californië, werd de 42 jaar oude senator in de balzaal van Hotel Ambassador in Los Angeles op 6 juni 1968 kort na middernacht neergeschoten door Sirhan Bishara Sirhan. Dit gebeurde toen hij met zijn bewakers het hotel door de achteringang verliet en het hotelpersoneel de handen schudde. Volgens de officiële lezing dook plotseling Sirhan voor hem op en vuurde enkele schoten op hem af. Een bewaker trok hem snel achterwaarts, maar kon niet voorkomen dat hij werd geraakt; eenmaal in zijn achterhoofd en tweemaal in zijn oksel. Het motief van dez uit Israël afkomstige Palestijn was Kennedy's steun voor Israël. Tijdens de verkiezingscampagne had de senator opgeroepen tot militaire steun aan Israël en tot een vredesregeling waarbij de Arabische wereld Israël ondubbelzinnig zou moeten erkennen.
Robert Kennedy overleed de volgende dag in het ziekenhuis. Zijn lichaam werd opgebaard in in de Saint Patrick's Cathedral in New York City, waar op 8 juni een herdenkingsdienst werd gehouden. Zijn stoffelijk overschot werd direct na de kerkdienst van New York naar Washington overgebracht met een speciale trein, de RFK funeral train. Langs heel het traject vormden aanhangers erehagen.
Jeane was droevig geworden dat aan haar waarschuwingen niet altijd aandacht besteed werd.
Regel 7

Volgens de voorspelling sneuvelt een ander in de nacht.

Ook deze regel heeft verder weinig uitleg nodig.
Regel 8

Conflict in Reims, Londen, en pestilentie in Toscane.

Centurie 1, Kwatrijn 26 sluit af met de bovenstaande regel en omschrijft de gebeurtenissen die Nostradamus zag in de periode tussen 1963 t/m 1968.
Frankrijk mei 1968:

Waarom is onbekend maar Nostradamus gebruikte als hij het land Frankrijk bedoelde de naam van de stad Reims, ten noordoosten van Parijs. Het is beeldspraak waarbij hij een stad aanduidde en daarmee het hele land bedoelde.
Door al zijn kwatrijnen heen was Nostradamus veelal niet direct, zo ook hier niet.
Zo bedoelde hij met Londen het stadje Londonderry in Noord Ierland. En ja, het gaat om Toscane, maar meer om zijn hoofdstad Florence, het is hier dus precies andersom, Nostradamus noemt een streek en bedoelde in feite een stad.

In mei 1968 brak vanuit een studentenopstand een algemene staking uit over heel Frankrijk. Ook in andere landen waren er grootschalige protesten. Al snel namen de gebeurtenissen bijna revolutionaire vormen aan, tot het protest uiteindelijk uitstierf na onderdrukking door de overheid. De manifestaties waren uniek omdat ze niet uitgingen van een bepaalde bevolkingsgroep, maar omdat ze etniciteit, cultuur, klasse en leeftijd overstegen.

De proteststakingen waren vooral gericht tegen de "oude maatschappij" en traditionele moraliteit, waarbij vooral het onderwijssysteem en werkgelegenheid bekritiseerd werden. In Parijs namen deze opstanden zo'n enorme vormen aan dat er straatgevechten ontstonden tussen betogers en politie. President Charles De Gaulle hield een spoedvergadering om de onrust op te lossen en schreef uiteindelijk op 23 juni 1968 nieuwe parlementsverkiezingen uit. De protestacties namen af, maar tegen alle verwachtingen in scoorde De Gaulle hoger dan ooit tijdens de verkiezingen.
1968 was over het algemeen een onrustig jaar waarin internationaal veel politieke revoluties en opstanden uitbraken, maar de politieke gevolgen uiterst klein waren. De gebeurtenissen hadden echter wel een enorme sociale impact. Mei 1968 wordt als een kantelmoment gezien tussen de oude, conservatieve maatschappij met haar moralistische idealen op vlak van religie, patriottisme en respect voor autoriteit naar een meer progressieve maatschappij die individualisme en meer sociale vrijheid propageert.
Londen / Londonderry oktober 1968:

Veel Nostradamus kenners geven voor de term 'Londen' in het kwatrijn eveneens de studentenrellen in 1969 op, maar deze waren zo kleinschalig en gaan geheel voorbij aan het veel grotere Noord-Ierse conflict dat in oktober 1968 in Londonderry oplaaide en gedurende 30 jaar een groot impact zou hebben.
Noord-Ierland kent pas sinds 2007 eigen wetgeving, bankbiljetten en binnenlands bestuur, maar in de internationale betrekkingen speelt als soevereine staat het Verenigd Koninkrijk nog steeds een rol.

Ook dit kan gezien worden als één van de vele kwinkslagen waar Nostradamus zich van bediende:
London / Londonderry.
De zestiger jaren in Noord-Ierland begonnen hoopvol. De ultraconservatieve premier Lord Brookeborough werd in 1963 opgevolgd door de gematigde Captain Terence O'Neill. In 1964 verklaarde O’Niell:
“Mijn belangrijkste doelen zijn Noord-Ierland welvarend te maken en bruggen te bouwen tussen de twee gemeenschappen”. In 1964 werd de Campaign for Social Justice (campagne voor sociale gerechtigheid) gelanceerd. Deze had tot doel de positie van de katholieken op de terreinen van werkgelegenheid en huisvesting te verbeteren.
In 1965 had O’Neill een ontmoeting met de Ierse Taoiseach Seán Lemass en in 1967 met Jack Lynch.
Veel protestanten namen O’Neill deze ontmoetingen niet in dank af. De (voorzichtige) toenaderingspolitiek van O’Niell riep bij veel protestanten verzet op.
Dit verzet werd geleid door een militante protestantse predikant ds. Ian Paisly, hoofd van de Free Presbyterian Church en leider van de Protestant Unionist Party.
Het felle verzet van conservatieve protestanten tegen de gematigde politiek van O’Niell en het uitblijven van wezenlijke vooruitgang, brachten de katholieken tot de slotsom dat er meer druk moest worden uitgeoefend om echte hervormingen te bewerkstelligen.

Geïnspireerd door de Burgerrechtenbeweging van Martin Luther King in de VS, werd in 1967 de Northern Ireland Civil Rights Association (NICRA) opgericht.
Deze beweging wilde langs vreedzame weg een einde maken aan de discriminatie van de katholieken.  Ze publiceerde het volgende eisenpakket:
In 1968 en 1969 werden door de Civil Rights Movement protestmarsen en protestdemonstraties georganiseerd.
De Noord-Ierse autoriteiten zagen deze protesten als een regelrechte bedreiging. Men zag hierin niet alleen maar een roep om gelijke rechten, maar vreesde dat dit een tactiek van de nationalisten en de republikeinen was met een verenigd Ierland als uiteindelijk doel. Men zag deze beweging als een politieke voorhoede van de IRA.
De overwegend uit protestanten bestaande Noord-Ierse politie, de  Royal Ulster Constabulary (RUC), trad hardhandig tegen deze protestmanifestaties op. In reactie op de demonstratieve marsen van de Civil Rights Movement, gingen ook de protestanten marsen organiseren. Dit leidde tot gewelddadige confrontaties tussen de beide groepen.
Florence november 1966:

Florence is de hoofdstad van de regio Toscane en de provincie Florence (Italië).
De Arno is een rivier in Toscane en stroomt door de provincies Arezzo, Florence en Pisa, vanaf de berg Falterona (bij Arezzo, in de regio Casentino) tot aan de kust enkele kilometers ten westen van de stad Pisa, waar hij bij Tirrenia uitmondt in de Ligurische Zee. Het is de langste rivier van Toscane.
De Arno stroomt eveneens door de stad Florence, waar hij wordt overbrugd door de beroemde Ponte Vecchio. De Arno heeft in de geschiedenis regelmatig de stad blank gezet. De laatste keer gebeurde dat bij de bekende overstroming in 1966, waarbij vele mensen de dood vonden en miljoenen meesterwerken van kunst en zeldzame boeken werden beschadigd of vernietigd. Vele kunstschatten zijn toen door water en modder bedolven. Het wordt beschouwd als de ergste vloed van de stad sinds 1557, de tijd van Nostradamus.
Met de gezamenlijke inspanning van Italiaanse burgers en buitenlandse donors en commissies zijn veel van deze werken hersteld, waarbij nieuwe conservatie methodes werden bedacht en restauratie laboratoria werden gevestigd. Echter, nu decennia later, moet er nog steeds veel werk gedaan worden.
Ten tijde van de vloed was de vrees voor het uitbreken van allerlei ziektes en epidemiën groot, hetgeen gelukkig achterwege bleef.
De moorden op John F. en Robert F. Kennedy
Interview met James Earl Files vanuit de gevangenis
Gedeelte uit de documentaire "I shot JFK"
Het verhaal van James Earl Files

Shelton kwam te weten dat de overleden Joe West een opname van Oswald’s beroemde verklaring na zijn arrestatie (“Ik heb niemand gedood, echt niet mijnheer”), had onderworpen aan een moderne stem-sress-analyse. Deze testen gaven aan dat Oswald niet loog.
Shelton stelde vast dat de Warren Commissie bedrog was en dat de speciale parlementaire commissie voor moordaanslagen van het Huis van Afgevaardigden (HSCA) tekort geschoten had, en dat de FBI nooit hun aanbeveling tot verder onderzoek had opgevolgd.
Er was een samenzwering geweest. Shelton maakte zich vastbesloten op om de moordenaars te identificeren en als zij nog leefden om ze voor het gerecht te brengen.
Shelton bezocht het Lamplighter Motel in Mesquite (even buiten Dallas) waar Files naar zijn zeggen had overnacht en bezocht zelfs diens kamer. Ook ging Shelton naar het pannenkoekenhuis waar Files op de ochtend van de moord Johnny Rosselli heen reed voor een ontmoeting met Jack Ruby die Roselli aldaar een envelop overhandigde met geheime dienstpassen.
Files vertelde ook dat hij de patroonhuls van de afgevuurde kogel, als zijn “handelsmerk” had achtergelaten in Dealey Plaza. Hij zei dat als de huls ooit gevonden zou worden, deze herkenbaar zou zijn omdat hij er op gebeten had en zijn tandafdrukken erin stonden.
Shelton bestudeerde de verslagen van de gesprekken tussen de FBI en Files en was vrijwel meteen sceptisch omdat aanwijzingen van Files waren genegeerd en oppervlakkige controle van de dossiers niet bevestigde wat Files had gezegd over zijn militaire dienst. Files beweerde echter dat zijn dossiers vanwege zijn werk voor de CIA waren gewist. Vernon huurde de archivaris in van de 82 ste Luchtmachtbrigade en vond alsnog het onomstotelijk bewijs dat Files’ beschrijving van zijn militaire dienst klopte.
Shelton bestudeerde de verklaringen van 291 getuigen die op Dealy Plaza aanwezig waren, en al het ballistische- en akoestische bewijsmateriaal. Zorgvuldig bracht hij het kapotgeschoten bot- en celweefsel in kaart. Ten slotte kwam hij tot de conclusie dat hij voor de rechtbank kon aantonen dat er meer dan drie geweerschoten vanuit tegenovergestelde richtingen op de presidentiële limousine waren afgevuurd.
Bovendien ontdekte hij net als anderen vóór hem, dat het traject van de kogels, afgevuurd vanuit het raam van de zesde verdieping van het Book Depository, niet overeenkwam met de verwondingen van president Kennedy en gouverneur Connally. De kogel bijvoorbeeld die Kennedy’s hoofd trof, kwam van rechtsvoor de schedel binnen en ging er links uit. Het sluipschuttersnest bevond zich hoger en rechtsachter van de presidentiële limousine. De Commissie Warren probeerde het probleem van deze bewijslevering in overeenstemming te brengen met de uitleg dat het hoofd van de president plotseling naar links draaide en 60 graden naar voren helde toen hij werd geraakt.
De fatale schoten

Toen Zack Shelton zich met de moord ging bezighouden, ontdekte hij al snel dat, ondanks alle onderzoeken en alle boeken die over dit onderwerp waren geschreven, niemand de moord zelf onderzocht had. Nadat Lee Harvey Oswald door de politie van Dallas was opgepakt, kwam het bredere onderzoek tot stilstand, en het werd Shelton duidelijk dat J. Edgar Hoover en een handvol topagenten de zaak stevig onder controle hielden.
Shelton begon al het bestaande bewijsmateriaal opnieuw te onderzoeken; hij was vastbesloten om de conclusie van de Commissie Warren te bewijzen of te weerleggen: namelijk dat Oswald in zijn eentje Kennedy had doodgeschoten vanuit de zesde verdieping van het Texas School Book Depository. De zaak van de Commissie tegen Oswald moest ervan uitgaan dat slechts 3 schoten van achteren werden afgevuurd in de 5,7 seconden uit de opgenomen Zapruder film. Meer dan drie schoten had Oswald namelijk niet kunnen lossen gedurende die tijdspanne.. Verder zat de Commissie in haar maag met het onomstotelijk bewijs dat één schot het doel had gemist.
In het begin van 1994 maakte Vernon videoopnames van James Earl Files. Hierin bekende Files dat hij het laatste fatale schot waarbij JFK in zijn rechter slaap werd geraakt, had afgevuurd en dat Charles Nicoletti en John Rosselli bij de moord betrokken waren. Vernon ging met deze bekentenis naar Dick Clark Productions en er werd een uitzending voor prime-time op 18 mei 1994 overeengekomen. Op 2 mei 1994 werd het programma plotseling geannuleerd en een door de omroep ingevlogen “adviseur” vertelde Vernon dat de NBC het wegens “teveel media aandacht” had afgeblazen. Later ontdekte Vernon dat de “adviseur” een bekende desinformatie specialist van de CIA was geweest, eveneens gehuwd met een CIA agente, alsmede
de biograaf van een voormalig CIA directeur.
Het bovenstaande kan ik geheel onderschrijven, waarbij het echter een gemis is dat deze kwatrijnen tot op heden nog nooit volledig zijn verklaard. Met het volgende beeldverslag wil ik in ieder geval trachten dit wel te doen door regel voor regel de kwatrijnen te doorlopen.
Voorts valt op dat de kwatrijnen, nadat ze éénmaal juist vertaald zijn, gemakkelijk zijn te lezen.
Toch ook is er opmerkelijk verschil tussen beide kwatrijnen.
Het eerste kwatrijn, Centurie 6, Kwatrijn 37 omschrijft één specifieke gebeurtenis, terwijl het andere kwatrijn, Centurie 1, Kwatrijn 26 een periode met verschillende gebeurtenissen beschrijft, waaronder de moord op John F. Kennedy (22 november 1963) en zijn broer Robert F. Kennedy (6 juni 1968).
John Fitzgerald Kennedy (29 mei 1917 - 22 november 1963), roepnaam Jack maar ook bekend onder zijn initialen JFK, was een Amerikaans politicus van de democratische partij en de jongst gekozen president van de Verenigde Staten van 20 januari 1961 tot en met 22 november 1963, de dag waarop hij op 46-jarige leeftijd in Dallas werd vermoord.
Zijn moeder was Rose Kennedy, zijn vader Joseph Patrick Kennedy; de latere ambassadeur van de V.S. in Engeland. Allebei de grootvaders van John F. Kennedy waren zoons van Ierse immigranten, die een grote rol speelden in het politieke leven van Massachusetts.
John F. Kennedy werd in 1941 als marine officier in dienst genomen en uitgezonden naar de Pacific. In 1943 werd het marine-vaartuig PT-109 door een Japanse destroyer tot zinken gebracht. Kennedy heeft na vijf uur zwemmen een eiland bereikt en hulp gezocht. Voor dit moedige optreden werd hij beloond met de ‘Navy and Marine Corps Medal’.
Bij het gewone volk was John F. Kennedy erg geliefd. Hij had charisma, humor en een prachtige vrouw; Jacqueline Bouvier waarmee hij sinds 1953 getrouwd was en met wie hij vier kinderen kreeg: Arabella (1956, doodgeboren), Caroline (1957), John F. Jr. (1960-1999) en Patrick (1963, stierf twee dagen na zijn geboorte).
Voor de hogere elementen van de Amerikaanse regering was John F. Kennedy echter een doorn in het oog. Die elementen bestaan uit de Maffia, de CIA en de FBI. Toen John F. Kennedy in 1960 tot president werd gekozen riep hij zijn jongere broer Robert (Bobby) uit tot minister van Justitie, die zich ging specialiseren in het verwijderen van de Maffia. Die voelden zich hierdoor bedrogen. Ze hadden immers vrij spel beloofd gekregen van vader Kennedy. Ondanks alles bleef Robert Kennedy doorgaan met zijn strijd. Mede hierdoor is het lot van zijn broer John F. bepaald.
In 1962 was de wereld geschokt toen er bijna een kernoorlog was tussen Rusland en Amerika met de Cuba-Crisis. Door de wapenwedloop tussen deze twee landen had Rusland plannen om kernraketten te plaatsen op het voor Amerika dichtbij gelegen eiland Cuba. Kennedy is onverzettelijk en stelt een ultimatum aan Rusland: Als ze niet binnen een bepaalde tijd hun boten om zouden keren, zou Amerika aanvallen. De Russische schepen waren al onderweg toen de Russische leider Chroestjov zich op het allerlaatste moment bedacht en de schepen liet omkeren. Kennedy lijkt niet voorspelbaar; aan de ene kant riskeert hij de kans op de Derde Wereldoorlog, maar aan de andere kant is hij tegenover de communisten ‘halstarrig’.
Zijn politieke carrière

In 1946 werd Kennedy gekozen tot Afgevaardigde voor het Congres voor Boston, en in 1952 tot senator. In 1956 schreef hij "Profiles in Courage" over Amerikaanse senatoren die met gevaar voor hun loopbaan standpunten innamen die afweken van die van hun partij. Dit boek kreeg in 1957 de journalistieke Pulitzerprijs voor biografie.
Als Congreslid bezocht Kennedy voor het eerst Frans Indo-China, waar op dat moment de Eerste Indochinese Oorlog aan de gang was. In 1956, na de stichting van Noord- en Zuid-Vietnam, bezocht hij de regio opnieuw. John F. Kennedy werd in 1960 gekozen tot 35e president van de VS na een nipte verkiezingsoverwinning (een half procent verschil) op de Republikein Richard Nixon.
James Earl Files (24 januari 1942) is naar verluidt een vroegere CIA / Maffia scherpschutter die beweert de  grassy knoll  schutter geweest te zijn in Dealey Plaza op de ochtend van de moord van president John F. Kennedy.
James Files kreeg een dag later een telefoontje van Nicoletti dat hij naar het centrum van Dallas moest komen om Johnny Roselli op te halen.
Samen reden ze naar een pannenkoekenhuis aan de rand van de weg in Dallas, waar Roselli een afspraak had met een andere Maffia contactpersoon: Jack Ruby. Deze gaf Roselli een envelop met inhoud. Roselli en Files verlieten het pannenkoekenhuis. Onderweg maakte Roselli de envelop open; deze bevatte identiteitspasjes en badges om de Maffia en de CIA vrij spel te geven voor de moord.
Pas vierentwintig uur voor de aanslag werd Files gevraagd of hij ook als reserve wilde dienen. Volgens Nicoletti had Johnny Roselli koudwatervrees gekregen omdat de CIA de aanslag af had geblazen. Roselli wilde niet tegen de orders van de CIA ingaan. Nicoletti had hier geen last van en zei: “fuck ‘em, it’s going anyway.”
Ook droeg Files een jas die, als je hem omdraaide, een ruitjespatroon had en zo leek op de jas van een spoorwegmedewerker. Dat kwam goed uit aangezien er een spoor vlak achter Dealy Plaza liep.
Het is 12.00 uur 's middags als James Files bij het hek heen en weer loopt en een paar sigaretten rookt.
Als Files de stoet hoort aankomen heeft hij zijn geweer al uit zijn koffer gehaald. Hij had de opdracht om pas te schieten als Nicoletti zou missen. Het doel was om Kennedy in zijn hoofd te raken, zodat ze zeker wisten dat hij zou overlijden. De stoet komt Elm Street opgereden. Files kijkt door zijn vizier en richt op Kennedy’s hoofd maar schiet nog niet. Hij telt de schoten van Nicoletti als ‘mis, mis, mis’. Kennedy is nog steeds niet in zijn hoofd geraakt maar vertoont wel tekenen van pijn. Als Files nu niet zou schieten zou het verkeersbord van ‘Stemmons Freeway’ in zijn vizier komen. Het is dus schieten of inpakken en wegwezen.
Regel 1

Het oude werk zal voltooid zijn,

Bij de vertaling van dit kwatrijn wordt deze eerste regel voor het gemak altijd overgeslagen, niemand schijnt hier echt een verklaring voor te kunnen geven. En dat is best jammer omdat deze regel juist aangeeft om wat voor een persoon het hier gaat.
Dat hij of zij niet zomaar iemand.zal zijn komt voort uit het feit dat Nostradamus in zijn kwatrijnen voornamelijk alleen wereldschokkende gebeurtenissen of gebeutenissen van betekenis heeft opgenomen, gebeurtenissen waar men lang over zou spreken.
De huls    

John Rademacher vond in 1987 een huls bij de Grassy Knoll, zo’n tien centimeter diep in de grond. Dit komt overeen met de diepte waarin iets zou moeten zitten als het er al zo’n lange tijd ligt. Deze vondst kreeg van de media maar weinig aandacht.
Toen James Files in 1994 zijn verhaal deed, kreeg hij te horen dat er een kogel was gevonden bij het hek. Files had toen gezegd: “Als het mijn huls is dan zul je hem herkennen want mijn tandafdrukken zitten erop. Het einde van de huls is ovaal en niet rond”  Hoe zou Files dit kunnen weten als hij de huls nog nooit eerder had gezien? De huls is toen onderzocht door een tandheelkundige, die bevestigde dat het inderdaad om een menselijke tandafdruk ging. James Files draagt nu een kunstgebit, maar zijn ‘dental records’ liggen nog bij de FBI. Als de moord op JFK opgelost moet worden, zouden ze die er bij moeten pakken. Maar de FBI geeft die gebitsgegevens niet weg…
Verder bewijs

Het meeste bewijs is gebaseerd op het onderzoek van gepensioneerd FBI-agent Zack Shelton en een twaalftal van zijn gepensioneerde FBI collega’s.
Zack Shelton kwam in 1970 in dienst van de FBI en diende zijn land 28 jaar als FBI-agent, waarvan meer dan 7 bij de speciale eenheden die de georganiseerde misdaad in Kansas City en Chicago moesten bestrijden. Shelton, ervaren met gevoelige FBI-zaken, maakte deel uit van het FBI-team dat middels de beruchte Operatie Strawman (waarop de film “Casino” was gebaseerd) Las Vegas vrijmaakte van maffia-afromers (van gokwinsten), hij loste de moord op van kleurling James Byrd , die in Jasper (Texas) aan zijn voeten gebonden 6 km lang door drie blanken in een bestelauto werd voortgesleept, sloeg de gewapende gangsters in de boeien die het Stardust Hotel in Las Vegas overvielen, en arresteerde een corrupte sheriff uit Texas wegens drugssmokkel.
James Earl Files, Charles Nicoletti en John Rosselli

Tijdens zijn dienst op het FBI-kantoor in Beaumont (Texas) in 1992 las agent Shelton een krantenartikel over de Texaanse privé detective Joe West. West had bewijsmateriaal verkregen waaruit bleek dat Charles Nicoletti en John Rosselli, twee maffiosi uit Chicago, betrokken waren bij de moord op Kennedy. Omdat Shelton deze figuren had gekend en hij nieuwsgierig was naar de informatiebron van de detective, vroeg Shelton hem om een privé-ontmoeting. Shelton had in het verleden al gewerkt aan Nicoletti en Rosselli zaken.
De Fireball is een opmerkelijk wapen met eenzelfde vuurkracht als het M16 geweer. Uitgerust met een vizier is het dodelijk nauwkeurig op afstanden tot 200 meter, veel groter dan de 32 meter vanaf het hek tot Elm Street waar Kennedy in het hoofd was geschoten. Shelton kwam erachter dat de politie zo’n wapen in beslag had genomen van de neef van Files terwijl Files in de gevangenis zat. Het wapen was op mysterieuze wijze verdwenen uit een politiekluis met bewijsmateriaal. Files zei dat hij een grijze gleufhoed droeg. De Mary Moorman foto toont een object boven het hek op precies de plaats waar Files zei dat hij gestaan had, dat erg veel lijkt op een grijze gleufhoed.